Baobab
Peru, informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Zuid Amerika

De erfenis van Atahualpa en Pizarro

(Tekst en foto's: Bert Taken - 1998)

deel 2/7

Peru online

maandag 13 juli
's Ochtends eerst verhuisd naar Hotel Americano, een prachtig sfeervol vergane-glorie hotel aan de Av.Pizarro. Het is donkerbruin en donker in de ontzettend grote lounge. Zo te zien stamt het meubilair nog uit het einde van de vorige eeuw. Daarna nemen we een collectivo naar het vissersplaatsje Huanchaco. Het is nog een beetje mistig en er valt een miezerregen als we daar aankomen. Op het strand zien de typische caballito's (rieten kano's) zoals die reeds duizenden jaren geleden gebruikt werden. Op zee zien we enkele vissers geknield in zo'n caballito zitten en hun netten uitwerpen.

Aan het eind van de ochtend nemen we de bus naar Chan-Chan. Het is een eindje lopen van de grote door een volkomen verlaten gebied. Chan-Chan is een indrukwekkend groot piramidecomplex dat helaas, net als in Tucumé, flink verweerd is. Diverse mooie adobe-reliefs zijn nog bewaard gebleven en gerestaureerd. Het meest verbazingwekkende is de afmeting van het complex waar zo'n tienduizend mensen moeten hebben geleefd. Het is een droog gebied en hun hele leven was steeds een gevecht tegen de droogte.

Terug in Trujillo eten we 's avonds in het eetcafe Asturias tegenover ons hotel. Het valt ons op dat bijna geen enkele Peruaan rookt! We zijn zo tevreden over de mooie plek dat we beginnen met een lekkere cocktail (pisco sour) en vervolgens ons laten verwennen met tortillas, spaghetti, rode wijn, ijs en cafe cortado (ongeveer tussen espresso en capuchino in).

dinsdag 14 juli
Na een laatste ontbijt in cafe Asturias en een blik op ons Hotel Americano vertrekken we om 11.00 uur met de luxe bus van Volcano naar Cajamarca (20 sol p.p.). Er is een soort stewardess aan boord die ons al snel een glas fris en wat zoute koekjes brengt. We zitten hoog voorin en genieten de hele dag van het prachtige uitzicht. Om 13.30 uur lunchen we in een eenvoudig restaurantje aan een stuwmeer. Daarna gaat de bus hoger en hoger de Andes in. Om 18.00 arriveren we tenslotte in Cajamarca. Al van ver kunnen we de stad met de rode dakpannen in een dal zien liggen. We laten ons met een taxi naar de Plaza de Armas brengen. Het oude koloniale hotel Casa Blanca vraagt eerst 60 sol per nacht voor een kamer, maar we kunnen afdingen tot 90 sol voor twee nachten. Opnieuw kraken de donkerbruine trappen maar alles is schoon en ruikt naar verse boenwas.

Het is al donker als we nog een verkenningstochtje in het centrum willen maken. De stad is de afgelopen honderden jaren nauwelijks veranderd en ademt een heerlijke, authentieke sfeer uit. Wat later stappen we bij het Salas restaurant naar binnen. Dit populairste restaurant van Cajamarca zit 's middags boordevol met lokale klanten, maar 's avonds is er iets meer ruimte. We nemen een matte de coca (thee van coca-bladeren en het smaakt een beetje naar het warme nat van gekookte spinazie) en twee pannenkoeken: één druipend van de honing en één panqueque de manjar blanca (volgens ons van ingedikte melk en met gecarameliseerde suiker).

woensdag 15 juli
Eindelijk maar eens wat uitgeslapen. Op het plein is het een drukte van jewelste. Allerlei schoolkinderen marcheren in hun mooiste schoolkostuums rondom het plein. De diverse orkesten blazen en trommelen op hun hardst om de anderen te overstemmen. Alle ouders, familie en andere belangstellenden staan vele rijen dik om het plein, zodat we bijna ons hotel niet uit kunnen.

Overal in de stad is het markt. Indianenvrouwen met grote, hoge "cowboy"-hoeden en vele lagen dikke rokken lopen op een drafje door de stad. We kijken op een pleintje een poosje naar het doen en laten van de bevolking. Op de hoek van het plein worden cuy (marmotten) verhandeld. Deze dieren worden van oudsher als huisdier gehouden en worden als een lekkernij bij speciale feesten gegeten. Het valt ons op dat ijs ontzettend populair is onder de indiaanse bevolking: er is bijna geen indiaan zonder een ijsje in zijn of haar hand te zien.

Aan het begin van de middag nemen we een collectivo naar Ventanillas de Cotusco. Enkele jochies leiden ons naar het bureautje waar ze man, die ons een kaartje moet verkopen, moeten wakker maken. De jongetjes lopen mee als we naar de oude, verlaten rotsgraven lopen. Ze proberen ons wat uit te leggen, maar we spreken niet zo goed Spaans en zij verstaan geen Engels. Het is geen bijzondere bezienswaardigheid, maar de omgeving is zeer rustgevend.

Vervolgens lopen we in ongeveer anderhalf uur langs de rivier naar Baños del Inca. Onderweg moeten we over hekken van weilanden klimmen. Als af en toe waakhonden blaffend op ons afkomen kijken de mannen en vrouwen op het land vreemd op maar zwaaien toch vriendelijk naar ons. Het is een mooie route. We nemen een collectivo terug naar Cajamarca en eten 's avonds in Salas.

Voor de San Franciscokerk is er een feest. Er wordt eten geserveerd en vuurwerk afgeschoten. Er is een rieten bouwwerk gemaakt met allerlei draaiende onderdelen waaraan vuurwerk is vastgemaakt. Het duurt een flinke poos voor er een eind is gekomen en al het gedraai en geknal. Ondertussen rent er ook nog een torrito rond: een man met een stierenmasker en een hoofdtooi met allerlei voetzoekers en ander vuurwerk. Terwijl hij rond rent vlucht iederen weg om een veilig plekje te zoeken.

donderdag 16 juli
's Ochtends nog wat rondgelopen in het oude centrum. We brengen een bezoek aan het gebouwtje, de Cuarto del Rescate, waar Atahualpa door de Spanjaarden gevangen is gehouden. De Inca-fundamenten van het gebouwtje zijn nog intact. Het is toch wel vreemd om bij zo'n belangrijke, maar tragische plaats in de Zuid-Amerikaans geschiedenis te staan.

Halverwege de middag gaan we naar het vliegveld vlak buiten de stad. Er is één grote hal, die het grootste deel van de dag gewoon leeg is. Vlak voor het vertrek van het vleigtuigje komt er iemand de tickets verkopen. Het vliegtuigje is met zo'n 20 personen slechts half gevuld. De vlucht naar Lima levert ons een prachtig uitzicht over de Andestoppen op. Om 17.45 arriveren we in Lima.

Op het vliegveld treffen we een Noors stel dat al een week in Lima vastzit omdat de bagage per abuis naar Zuid-Afrika is gevlogen. Hun bagage is nu eindelijk terecht. Zij willen via Bolivia naar Brazilië reizen en zitten nu een beetje in tijdnood. We nemen samen een taxi/busje naar het centrum en kopen onderweg bij de busmaatschappij Cruz del Sur alvast een kaartje naar Huancayo. Het Noorse stel zit in het populaire budgethotel España, maar dat zit inmiddels vol. We nemen onze intrek in het nabijgelegen budgethotel Europa. Het is goedkoop (23 sol per nacht per kamer) maar wel wat "groezelig". Beneden zitten wat jongere rugzaktoeristen met zakken chips naar Engelstalige video's te kijken ("look out Peru, here we come!").

HUANCAYO EN AYACUCHO

vrijdag 17 juli

's Morgens ontbijten we in het café-restaurantje onder Hotel España in Lima. Het is een beetje klein, maar wel heel ongedwongen en gezellig. Ze hebben lekkere soorten koffie (espresso, cortado, capuchino) en gebak. De rest van de ochtend lopen we nog wat rond over de Plaza de Armas. We brengen een bezoek aan de kathedraal waar het graf van Pizarro ligt. Als we er voor staan beseffen we pas dat het eigenlijk helemaal niet zo lang geleden is (slechts 450 jaar) dat er een start werd gemaakt met de volledige uitroeiing van de indiaanse cultuur…… Op het plein en in de kathedraal lopen veel groepen schoolkinderen in allerlei verschillende schooluniformen. De juffrouw vertelt de kinderen van alles over de geschiedenis van Peru.

Op straat worden we veel aangeschoten door geldwisselaars, die graag hun soles tegen onze dollars willen wisselen. Het zijn er zoveel dat ze nooit in hun levensonderhoud kunnen voorzien met de kleine winstmarge bij het wisselen. Ook lijken het geen malafide personen, want ze dragen allemaal hesjes van officiële wisselinstanties. Volgens ons zit de winst in de inflatie van de sol. Om 13.00 uur stappen we in de bus van Cruz del Sur naar Huancayo. Het blijkt weer een tamelijk luxe bus en er worden alleen zitplaatsen verkocht (er mogen geen mensen in het middenpad staan). Een stewardess in bedrijfskostuum brengt al snel een flesje cola rond en start een video met informatie over de busmaatschappij en wat veiligheidsaanwijzingen. Even later serveert ze de lunch (rijst + kip + "appelmoes" + chinese koekjes). Halverwege de middag deelt ze kaarten uit, pakt een microfoon en gaat bingo spelen met de hele bus.

Het duurt een flinke poos voordat we de buitenwijken van Lima eindelijk achter ons kunnen laten. Dan klimmen we langzaam steeds hoger en hoger de Andes in. Aan het einde van de middag naderen we zelfs de sneeuwgrens en rijden we op ongeveer 4000 m hoogte! Het is een prachtige route en we hebben geen bingo nodig om ons te vermaken. Uiteindelijk arriveren we om 20.15 uur in Huancayo. In de reisgidsen staat La Casa de mi Abuelo vermeld als een eenvoudig, vriendelijk hotelletje, maar als wij arriveren blijken ze aan het verbouwen te zijn. We nemen een kamer in het luxere, gezichtsloze Hotel Kiya in het centrum.

 

verder naar "De erfenis van Atahualpa en Pizarro" deel 3

Vamonos Travels

 

 


 

 

ATP vakanties

 

Vliegticketspecialist

 

Reisspecialist
Google