Baobab
Jamaica, informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's

JAMAICA: Keep The Riddim!

Jamaica reisverhaal: verslag van een reis door Jamaica met veel informatie en foto's

(Tekst en foto's: Bert Taken)

deel 1/2

(Onderstaand artikel is gepubliceerd in het tijdschrift Voyager 7e jaargang nummer 27 zomer 2001)

Het is elke dag vrijmarkt in downtown Kingston. De straten rondom The Parade liggen vol zonnebrillen, leren riemen, lingerie, slippers, sportschoenen, make-up, t-shirts en cassettes. Als enige blanke wandel ik behoedzaam over de smalle, vrijgelaten ruimte. “Hey whitey” of “Hey, what’s up, white guy?” klinkt het diverse malen intimiderend wanneer ik langs een groep gitzwarte Ben Johnson- of Tupac-lookalikes loop.

Het verkeer rondom The Parade zit volkomen vast. Vier rijen auto’s proberen zich links en rechts langs ronkende bussen en schreeuwende minibus-exploitanten te manoeuvreren. Maar het gewone straatkabaal is geen partij voor de metershoge soundsystems. Meer dan 120 dB luide bass is rechtstreeks op de weke delen van de onderbuik gericht. Iedereen in het hedendaagse “funky Kingston” beweegt met een slome, groovy tred over straat. De oude King Street wordt aan weerszijden in beslag genomen door MacDonald’s, Kentucky Fried Chicken, Burger King en Mother’s. Heel Kingston is trouwens vergeven van deze fast food zaken. Het pleit niet voor het hedendaagse Jamaica dat het van alle mogelijke Amerikaanse zaken niet de arbeidsmoraal, de handelsgeest en de infrastructuur, maar uitsluitend het prijspeil en de fast food geïmporteerd heeft.

Iets ten westen van The Parade liggen de wijken Trenchtown, Tivoli Gardens, Jones Town en Whitfield Town. Hier wagen zich zelfs geen controleurs van de energie- en elektriciteitsbedrijven om iets te ondernemen tegen het massale illegale aftappen. Ik passeer autowrakken en vuilnishopen op zoek naar de legendarische Studio One in Brentford Road. De studio op nr.13 blijkt echter al lange tijd gesloten. Op de voordeur van een klein huisje op nr.11 zit nog een sticker van The Skatelites. Vervuild, gedesillusioneerd en teruggetrokken slijt hier King Stitt zijn dagen. Samen met de producer Clement “Coxsone” Dodd stond hij in het begin van de zestiger jaren aan de basis van de ska-sound.

Met nog slechts één tand in de mond en een schele blik doet hij zijn bijnaam “The Ugly One” eer aan. Hij heeft weinig zin in een gesprek. “No, the studio is closed. Mr. Dodd is in New York!” herhaalt hij voortdurend. In uptown Kingston breng ik dan maar een bezoek aan het Bob Marley Museum. Binnen is niet zo heel veel te zien (zijn spijkerjack, zijn Gibson gitaar, de mengtafel uit zijn studio, kogelgaten van een moordaanslag, veel gouden platen en krantenartikelen), maar de plek heeft nog steeds “magie” voor de Marley-fan. In het filmzaaltje draaien ze een boeiende documentaire met veel live muziek. en de infrastructuur, maar uitsluitend het prijspeil en de fast food geïmporteerd heeft.

Per huurauto op verkenning

Mijn plan was om op het eiland rond te reizen met het openbaar vervoer. Ik had de slechte informatie hierover genegeerd: over veel derde wereld landen las ik ook altijd dat het vervoer slecht was en dat vond ik in de praktijk altijd ontzettend meevallen. Maar ditmaal had ik het verkeerd: zelfs de “kippenbus” in India of Zuid-Amerika is nog vele malen beter georganiseerd en betrouwbaarder dan het vervoer in Jamaica. Naar veel plaatsen loopt zelfs helemaal geen bus. Er zijn in diverse steden wel privé-taxi’s, maar die kunnen niet tippen aan het systeem van grand taxi’s in noord-Afrika. De trein tussen Montego Bay en Kingston rijdt al sinds 1992 niet meer. Ik besluit diep in mijn buidel te tasten om een auto te huren in Kingston. De kleinste en goedkoopste auto, een Toyota Starlet, kost U$60 per dag.

Het is zaterdag. Ik rij over de Palisado’s. De lange, smalle landtong sluit een grote baai af die een natuurlijke beschutte haven vormt voor Port Royal. De oude havenstad was de piratenhoofdstad in de 17e eeuw en werd destijds gezien als de meest verdorven plaats op aarde. De boekaniers, onder leiding van Henry Morgan, terroriseerden het gehele Caribische gebied. Notoire piraten als Blackbeard, Calico Jack en Anne Bonney waren vaste gasten. Ik wandel door de restanten van het oude Fort Charles. De roestige kanonnen zijn niet langer zeewaarts gericht. Het kleine vissersdorpje bestaat uit enkele straten vol oude, door zilte zeewind aangetaste, houten huizen met veranda’s en balkonnetjes. In de avondschemer worden bij Gloria’s Rendezvous tafels en stoelen op straat gezet. In oude olievaten hangt vers gevangen vis boven de barbecue.

Aan de overzijde van de baai zie ik de vele lichtjes van Kingston, dat zich geleidelijk over de flanken van de achterliggende Blue Mountains uitspreidt. Op het naburige pleintje vult een groot soundsystem de zwoele avondlucht met zware dubklanken. De rumpunch en het Red Stripe bier doen het chaotische downtown Kingston steeds verder weg lijken. en de infrastructuur, maar uitsluitend het prijspeil en de fast food geïmporteerd heeft.

25 kilometer ten westen van Kingston ligt de voormalige hoofdstad Spanish Town. In 1534 bouwden de Spanjaarden hier een nederzetting aan de zuidkust. De stad werd het administratieve centrum van koloniaal Jamaica. Het kende een grote slavenmarkt en bezat verschillende theaters. Hier verzamelden zich alle rijke plantage-eigenaren als het werk op de suikerplantages stil lag in de wintermaanden. Het bleef de hoofdstad tot 1872 toen het inmiddels in alle opzichten was voorbij gestreefd door het naburige Kingston. Het oude Spanish Town kwijnde langzaam weg. Het hedendaagse Spanish Town is verwaarloosd, arm en crimineel. Ik rij via één van smalle eenrichtingswegen naar het centraal gelegen Park. Het park is omringd door statige gebouwen die dateren uit de plantagetijd.

Zompige reggaeklanken

Verder westwaarts loopt de weg door glooiend, groen landschap via Milk River naar Alligator Pond. Op het strand verkopen rasta-vissers hun versgevangen rode poon. De kleurrijk beschilderde bar is niet meer dan een houten strandhutje met enkele flessen rum op de plank. Daarnaast blaast een 3 meter hoog soundsystem lage, zompige reggaeklanken over de lokale bevolking die loom tegen hutten en bomen hangt. en de infrastructuur, maar uitsluitend het prijspeil en de fast food geïmporteerd heeft.

 

verder naar "Keep The Riddim!" deel 2

Vamonos Travels

 

 


 

 

ATP vakanties

 

Vliegticketspecialist

 

Reisspecialist
Google