Vietnam: informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Azië

Van Hanoi naar Ho Chi Minh City

Vietnam reisverhaal: verslag van een reis door Vietnam

(Tekst & foto's: Michael Boelhouwer)

deel 2/4

Hoi An

Hoi An is een schilderachtig dorpje waar de sfeer van het verleden goed bewaard gebleven. Dat brengt met zich mee dat het er superrelaxed is; op een of andere manier gaat de tijd hier langzaam, hetzelfde gevoel wat je hebt op Ko Samet (Thailand) of Tioman (Maleisië); niets moet, alles mag. Na het installeren zijn we op de fiets naar het strand fiets, even het laatste zonnetje gepakt. Ook hier treft je de kinderen aan die van alles aan je willen verkopen maar het is totaal niet irritant; ze zijn meer geïnteresseerd in waar je vandaan komt, dan dat ze echt iets willen verkopen. Laat ze een arenakaart van Ajax zien en zelfs de reservespelers kennen ze bij naam.

My Son

De volgende dag stond de trip op het programma naar de Champa-ruines van My Son. My Son wordt gezien als de Champa tegenhanger van Ankor (Cambodja), Borobudur (Indonesië) en Ayuthaya (Thailand). Een deel van de trip ging over de M1, de enige snelweg in heel Vietnam, waar we vrij snel opschoten. Het tweede deel ging grotendeels over niet geasfalteerde wegen en was, ondanks de luxe minibus, een drama. Toch blijft zo’n trip de moeite waard al was het alleen maar door het schouwspel dat je langs de weg tegen komt. Geheel door elkaar geschud kwamen we aan in My Son. Vanaf het ticketloket gingen we met een Jeep en het laatste stuk lopend naar de ruines. De ligging van de ruines is indrukwekkend; geheel omgeven door bergen heerste er een sirene stilte, die alleen onderbroken werd door het geschreeuw van een eenzame vogel. Je kon merken dat dit in het verleden het religieuze middenpunt van Vietnam was, dit ondanks het feit dat de ruines grotendeels vergaan zijn; een deel door de tand des tijds, een deel door hevige bombardementen tijdens de Amerikaanse oorlog. Grote delen van de gebouwen zijn overwoekerd door planten, maar toch krijg je een goed beeld van de schoonheid, wat er eens geweest moet zijn.

Veel gebouwen zijn opgedragen aan Shiva, die werd gezien als de stichter en beschermheer van de Champa-dynastieën. Het complex in onderverdeeld in 10 hoofdgroepen. Als eerste kom je bij groep C bestaande uit 7 gebouwen. Het hoofdgebouw is hier gewijd aan Shiva, uitgebeeld als een mens.

Groep B stamt ongeveer uit de 4e eeuw en het hoofdgebouw is opgedragen aan Koning Bhasravarman en Shiva, een ander gebouw werd gebruikt voor het opslaan van heilige boeken en religieuze voorwerpen. In totaal zijn er 12 monumenten die, weliswaar begroeid zijn met planten, allemaal in vrij goede staat verkeren. Groep D ligt naast B en het hoofdgebouw was eens een meditatiehal en is nu klein museumpje met een paar mooie Cham-stukken.

Vanaf groep D kom je via een smal pad en een houten bruggetje over een beekje bij groep A. Hier stonden eens 13 gebouwen maar zijn allemaal totaal verwoest door Amerikaanse bombardementen doordat de Vietcong deze gebouwen gebruikten als basis. Dit waren volgens de archeologen de belangrijkste monumenten van My Son. Bomkraters van 10 meter doorsnee zijn bij deze groep nog te zien. De overige groepen zijn grotendeels overwoekerd en onbegaanbaar. Doordat we zelf vervoer hadden geregeld waren we de enige toeristen, wat het bekijken van de ruines aangenaam maakte. Het enige minpuntje was het feit dat de gids, ondanks dat hij ontzettend zijn best deed om in het engels uitleg te geven, nauwelijks verstaanbaar was zodat je in sommige gevallen maar moest raden waar hij het overhad. Dit is toch wel het probleem in Vietnam. Doordat ze op een vrij monotone wijze engels spreken verlies je snel de samenhang van een zin waardoor de betekenis verloren gaat.

Op de terugweg was het weer genieten van het leven langs de weg in de passerende dorpjes. Wat een prachtig gezicht is en blijft is het uitgaan van de scholen. Jonge kinderen in schooltenue; wit overhemd met rode stropdas terwijl de oudere meisjes allemaal gekleed gaan in de voor Vietnam traditionele witte Ao Dai’s.

De avonden zijn allemaal hetzelfde in Hoi An; relaxed een biertje drinken, wat eten, een potje pool-biljart en vooral reiservaringen uitwisselen met andere ‘backpackers’ uit alle windstreken van de wereld. Wat het eten betreft moet ik er hier één restaurantje eruit pikken: Café Des Amies. Ondanks dat het Vietnamese eten niet kan tippen aan het Thaise eten, vormde dit restaurant een uitzondering, en dan vooral de atmosfeer waaronder het gebeurd. Er is geen menukaart; je hebt de keuze uit vis of vegetarisch en je moet vertrouwen hebben in de kok, die dit vertrouwen dan ook niet beschaamd.

Marble Mountains

Met de minibus gingen we via Danang richting Hué. Onderweg hadden we een tussenstop ingelast bij de Marble Mountains/China Beach. De Marble Mountains bestaan uit 5 bergen die bestaan uit marmer met de namen: Thuy Son (water), Mo Son (Hout), Hoa Son (vuur), Kim So (goud) en Tho Son (aarde), de 5 elementen van het universum, vanwaar je een fantastisch uitzicht hebt. Niet alleen over Danang en omstreken maar ook over China Beach en de Zuid-Chinese zee. Maar waar de Marble Mountains, en dan vooral de Thuy Son-berg, bekend om staan zijn de verschillende grotten, omgetoverd tot religieuze heiligdommen met daarin grote Boeddha beelden, die hoog in de bergen liggen.

De meest spectaculaire is de Huyen Khong-grot. Eerst door een dubbele poort, met de trap naar beneden en daar staat, geflankeerd door een tweetal kapellen, een groot boeddha beeld dat door de zon, dat lichtjes doordringt door een gat in n de bovenkant van de grot, wordt beschenen. De Marble Mountains is een tussenstop die meer dan de moeite waard is, alleen moet je het lastig worden gevallen door de vele vasthoudende en irritante souvenir- en drankverkopers op de koop toe nemen.

Hai Van pas

De volgende tussenstop op weg naar Hué was de Hai Van pas. Met op de top een spectaculair uitzicht zagen we waarom de Hai Van pas gezien wordt als de klimatologische scheidingslijn van Vietnam. In het zuiden scheen volop de zon, in het noorden was bewolking.

Hué

In Hué aangekomen hadden we direct een tweetal excursies geboekt in ons hotel; de DMZ tour en een tocht over de Perfume River. Na een overheerlijke noodlessoep zijn we op ons gemak richting het station gelopen om alvast proberen een ticket te bemachtigen voor de treinreis naar Nha Trang. Hué is eigenlijk een groot dorp voor Nederlandse begrippen. Weliswaar heeft het ongeveer 250.000 inwoners maar daar merk je niet veel van. Ook hier is het verleden niet losgelaten wat het tot een zeer interessante stad maakt. Daarnaast was Hué de keizerlijke hoofdstad tussen 1802 en 1945. Als eerste zijn we naar GaHué (het station) gelopen om te proberen tickets te regelen voor de treinrit naar Nha Trang. Het grote probleem hierbij is, dat het personeel in Hué of alle andere tussenstops tussen Hanoi en HCM City niet weten of er daadwerkelijk meer plaatsen vrij zijn dan dat ze per trein krijgen bedeeld.

In ons geval was het onmogelijk om softsleepers te krijgen maar, zoals later zou blijken, regelde de desbetreffende kaartverkoopster ter plekke in de trein, wel tegen een directe betaling aan de conducteurs wat in hun eigen zakken verdween, een coupé met softsleepers. We hadden de conducteurscoupé voor een prijs die goedkoper was dat als we dit op het station hadden moeten betalen.

verder naar "Van Hanoi naar Ho Chi Minh City" deel 3

 

 

     

 

 

 

 


 

 

Google