Vietnam: informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Azië

Van Hanoi naar Ho Chi Minh City

Vietnam reisverhaal: verslag van een reis door Vietnam

(Tekst & foto's: Michael Boelhouwer)

deel 1/4

 

De eerste kennismaking met het communistische Vietnam was het begin van vele verrassingen die ons nog stonden te wachten. Het vliegveld was zoals verwacht typisch communistisch; waarschijnlijk een oud militaircomplex. Verrassend genoeg was er naast het huidige vliegveld een heel nieuw complex in aanbouw wat ongetwijfeld wel voldoet aan de maatstaven van deze huidige tijd; in ieder geval aan die van de steeds grotere stroom toeristen. Het is het bewijs dat Vietnam er alles aan wil doen om mee te tellen binnen Zuidoost Azië en zodoende zo veel mogelijk toeristen te lokken.

Hanoi

In Hanoi aangekomen hadden we snel een goed hotelletje in The Old Quarter geregeld. The Old Quarter is misschien wel het kloppend hart van Hanoi. Nauwe straatjes, overal winkeltjes, straat restaurantjes, volop leven en drukte; Vietnam zoals we hadden gehoopt dat het zo zou zijn en hopelijk ook blijft. Op ons gemak gingen we eerst lopend de buurt verkennen en het eerste wat op viel was de vriendelijkheid en de ‘interesse’ in ons van de Vietnamezen. Daar één van ons reisgezelschap iets breder en iets gezetter dan de rest is had dit tot gevolg dat, voor ons gevoel, bijna iedereen hem wel even wilde aanraken; en dan vooral zijn armen en buik. In het begin leuk en lachwekkend, voor hem op een gegeven irritant. Het tweede wat opvalt is het verkeer. Dat is gewoon een geordende chaos; ruim 1 miljoen fietsen, 500.000 brommertjes en amper auto’s. Je zit iedere seconde te wachten op een aanrijding maar wonder boven wonder gaat alles, zonder elkaar te raken, langs elkaar heen. ’s Avonds vonden we een prachtig restaurantje; zittend op het balkon, uitzicht op het Hoan Kien-meer en, dit tot ons genoegen, het drukste kruispunt van The Old Quarter; wat een mierenhoop. Het eten is goed zoals in de meeste Aziatische landen, misschien iets te flauw ten opzichte van de omringende landen, maar wel lekker.

De eerst komende twee dagen waren bestemd voor de verkenning van Hanoi. Bij ons hotel hadden we fietsen geregeld, dit tot grote hilariteit van de omstanders, die waarschijnlijk dachten dat westerlingen niet konden fietsen. Per fiets vertrokken we als eerste naar het mausoleum van Ho Chi Minh. Wat een belevenis, dwars door de chaos van de fietsen en de brommertjes maar na twee minuten weet je niet anders en ga je op in diezelfde chaos. Na een fietsrit van ongeveer een half uur kwamen we aan bij het Ho Chi Minh mausoleum. Bij het betreden van het mausoleum blijkt pas hoe zeer de Vietnamezen hun overleden leiders bewonderen; als of de beste man gisteren overleden was, zo trekt een ware rouwstoet langs Ho Chi Minh. Het is fascinerend om te zien als Nederlander, waar heldenvereering toch al een taboe is, hoe deze mensen opkijken tegen Ho; sommige hun militaire medailles uit de kast gehaald en opgepoetst voor het bezoek.

Het is wonderbaarlijk hoe aardig iedereen is en hoe we worden aangekeken, zo fietsen door Hanoi. Bij ieder stoplicht worden we wel gedag gezegd en als er even tijd voor is willen ze graag weten hoe je heet en waar je vandaan komt. Wat dat betreft is dat toch opvallend; waar praktisch ieder Nederlander, jong of oud, nog steeds met veel plezier een willekeurige Duitser de verkeerde kant op stuurt, zijn deze mensen ongelooflijk vriendelijk tegen nagenoeg alle westerlingen. Dit terwijl ze van de buitenkant niet kunnen zien of ik nu uit Amerika, Frankrijk of Nederland komt; en dit alles met in het achterhoofd dat de Amerikaanse oorlog pas in 1975 is geëindigd terwijl die van ‘ons’ al 30 jaar eerder afgelopen was. Zo komen we op een gegeven moment in gesprek met Nguyen, die ons begroet en vraagt of hij alsjeblief met ons mocht praten; om zijn engels te verbeteren. Tegelijk biedt hij ons aan om ons rondt te leiden door Hanoi, iets wat we direct accepteerden.

Zo leidde hij ons op de fiets dwars door Hanoi naar de One Pillar Pagode, de Tempel van Literatuur, het Historisch Museum en als laatste het Revolutie Museum, alles voorzien van commentaar en uitleg. Alleen kon Nguyen maar niet begrijpen dat er in het rijke Ha Lan (Nederland) gemiddeld meer fietsen per inwoner zijn dan in Vietnam. Wat ook prachtig is, is dat bepaalde soorten winkels gecentreerd zijn; je hebt straten waar alleen maar tassen worden verkocht of schoenen, kleding, specerijen, ijzerwaren, loodgieterspullen ect., fascinerend om te zien. Het gelach, het gedag zeggen en het willen praten gaat maar verder zolang je op fiets zit.

Halong Bay

De volgende dag vertrokken voor 2 dagen naar Halong Bay, een trip die we via ons hotel hadden geregeld. ’s Ochtends vroeg op pad met een minibus voor een rit van 5 uur. De straattaferelen die we praktisch de gehele rit mochten aanschouwen waren onvergetelijk. Nu wisten we al dat de fiets en de brommer een belangrijk vervoersmiddel waren maar het zijn ook de voornaamste transportmiddelen; afgeladen met de meest uiteenlopende vracht zoals zakken rijst, pannen, banden, groenten, ijzerwaren, levende kippen en zelfs met 6 doden varkens. Maar ook de rijstvelden vol ‘punthoedjes’, oudere mensen die ochtendgymnastiek doen op straat, badminton spelen, je keek echt je ogen uit. Nu hebben we al menig busrit gemaakt in het Middenoosten en Azië, steevast vielen we op een gegeven ogenblik in slaap, maar hier in Vietnam heb je daar geen tijd voor en dat zou de gehele reis zo blijven.

In Halong aangekomen maakten we ’s middags meteen onze eerste boottrip. Meer dan 3000 bizarre rotsachtige eilandjes reizen steil uit het heldere water. De enige manier om de geheimzinnige eilanden van dichtbij te zien is per boot. Sommige eilanden zijn volledig bebost, andere bestaan louter uit rotsen en bepaalde eilanden hebben zelf een zandstrand terwijl de meerderheid steil in de turqoisblauwe zee afloopt. De baai is schitterend al hadden wij de pech dat het enigszins mistig was zodat de rotseilanden niet volledig tot een recht kwamen. Wat moet dit gebied prachtig zijn als je hier volop zon hebt. Halong Bay doet denken qua vormgeving en omgeving aan Krabi in Thailand. De stad Halong zelf is niet veel bijzonder al hebben de Vietnamezen goed door dat Halong een toeristische trekpleister van de eerste categorie is, gezien de bouw van de nodige hotel. De volgende dag voordat we onze 2e boottrip maakten werden we ‘belegerd’ door kinderen die van alles verkochten. Opvallend was dat ze gewoon goed engels spraken en net zo gemakkelijk een discussie met je aangingen als je weigerde om iets te kopen. Tijdens deze trip bezochten ook nog een tweetal grotten met stalagmieten en stalactieten, die in de oorlog met de chinezen (13e eeuw) een belangrijke rol speelde als opslagplaats. Na terugkomst in de haven hadden we nog een uurtje voordat we terug reden naar Hanoi. Ondanks dat de omstandigheden voor ons niet volop meewerkten is Halong Bay een must voor iedereen die het noorden van Vietnam bezoekt.

Vanuit Hanoi vlogen we op Danang om vanuit daar naar Hoi An te gaan. Het was de bedoeling dat we eerst naar het noordelijker gelegen Hué zouden gaan maar die vlucht was al volgeboekt. Het regelen van vluchten is zeer gemakkelijk want in iedere grote stad is wel een bureau van Vietnam Airlines. Op het vliegveld van Danang vrij gemakkelijk een taxi geregeld die ons naar Hoi An zou brengen. Danang was tijdens de Amerikaanse oorlog na Saigon de grootste legerbasis in Vietnam (wat de Europeanen de Vietnam oorlog, heet in Vietnam de Amerikaanse oorlog). Dit vind je terug in het feit dat meer dan elders in Vietnam regelmatig oude Amerikaanse GMC legertrucs ziet rijden.

 

verder naar "Van Hanoi naar Ho Chi Minh City" deel 2

 

 

     

 

 

 

 



 

Google