Vietnam: informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Azië

Eenvoudige kost op Cat Ba

Vietnam reisverhaal: verslag van een reis door Vietnam

(Tekst en foto's: Jan Peter Wouters)

deel 2/2

Afgelegen strand

Een nieuwe trekpleister is het strand ten zuiden van het dorp. Om het afgelegen strand bereikbaar te maken is er een weg in de rotsen hoog boven het dorp uitgehouwen. De weg, die vanaf het eind van de kade steil omhoog voert, is op het hoogste punt versperd door een slagboom. De tollenaar verschuilt zich voor de brandende zon in een houten hok in de berm. Om per dag hooguit tien strandgangers een kaartje te verkopen brengt hij zijn tijd badend in het zweet door.

Naast de familie van de overzeese grote investeerders is er nog een kleine middenstand die een rijstkorrel van het toerisme probeert mee te pikken. Een schuur is beschilderd met de woorden restaurant, com, pho en daarmee omgedoopt tot horecagelegenheid. Aan niets is voor de rest af te lezen dat men hier voor eten terechtkan. De tafels en stoelen staan opgeklapt binnen.

Dit heeft tot gevolg dat de restauranteigenaar de toeristen moet aanklampen om ze tot een bestelling over te halen. Vermoeidheid ten gevolge van het reizen over slechte wegen en het sluiten van kleine transacties waarbij afdingen een vast ritueel is, maakt sommige toeristen murw en prikkelbaar. In een overdreven reactie wordt de uitnodiging daardoor gemakkelijk aangezien voor de zoveelste schending van het recht op zelfbeschikking, die vervolgens hevig in het verkeerde keelgat schiet. De restauranteigenaar krijgt een vinnig antwoord of wordt op zijn best genegeerd. Dit heeft tot gevolg dat de meeste toeristen zich als motten door de lichtreclames van de grote restaurants voelen aangetrokken. De vooruitgeschoven oplichtende bakens van de Coca Cola Company doen de rest, met als gevolg dat de toeristen samenklonteren in de voor de hand liggende eetgelegenheden.

Repatriëring

Tijdens mijn vorige bezoek aan het eiland leerde ik Hanh kennen. Enkele jaren tevoren was hij in een sloep Vietnam ontvlucht. Daarna had hij in een opvangkamp in Hong Kong vier jaar lang vergeefs op een nieuwe nationaliteit gewacht. Na zijn gedwongen repatriëring vestigde hij zich op Cat Ba en werkte bij familie in een restaurant.

Op een gehuurde motor rijd ik naar het restaurant waar ik Hanh voor het eerst ontmoette. De inrichting is in de afgelopen jaren aanzienlijk veranderd, de muren zijn pas geverfd en de tegels blinken. Een jongen van een jaar of achttien zit achter in de zaak en plukt een duif boven een afwasteiltje. Ik informeer naar Hanh, maar hij begrijpt niets van mijn vragen. Hij buigt zich voorover in de wandkast en haalt een voddig Engels lesboek tevoorschijn. Zijn handen zijn overdekt met donsveertjes en gestold bloed. Onwennig bladert hij door de vergeelde bladzijden, maar kan niet vinden wat ik vraag. Pas als ik het jaartal van mijn ontmoeting met Hanh opschrijf, wordt hem ongeveer duidelijk wat ik bedoel. Het restaurant is verkocht en Hanh's familie heeft even verderop, aan de kade, een hotel geopend met uitzicht op de haven. Tevreden gaat de jongen weer zitten en neemt de afwasteil op schoot. Tot mijn verbazing knippert de half geplukte duif met zijn ogen. De verzwakte duif ligt willoos in zijn handen terwijl de jongen de resterende veren uittrekt. Huiverend verlaat ik het restaurant.

Het nieuwe hotel heeft vier verdiepingen en behoort daarmee tot de grootsten van het eiland. De familie heeft de afgelopen jaren goede zaken gedaan. Enthousiast word ik door een nicht van Hanh ontvangen, maar zij kan mij helaas niet verder helpen. Hij woont weer bij zijn ouders in Hai Phong en zal over twee dagen trouwen, maar zij heeft adres noch telefoonnummer. Hanh komt nog geregeld naar Cat Ba, om groepen toeristen rond te leiden en daarbij komt het Engels dat hij in Hong Kong leerde hem goed van pas. Ik laat de Oxford Dictionary die ik voor hem meebracht bij zijn nicht achter en stap weer op de motor.

Gemetselde dozen

De oude weg in noordwestelijke richting zit nog vol kuilen. Het verweerde asfalt is bezaaid met rotsblokken die van de hellingen rolden. Ondanks het spaarzame verkeer is deze weg niet veilig. Het geblakerde karkas van een minibus staat langs de kant te wachten op een sleepwagen die nooit zal opdagen. De verhoogde zandweg door de slikken langs de noordkust van het eiland is inmiddels geasfalteerd. Pioniershuisjes met wanden van gevlochten matten en een dik strodak zijn verder het onherbergzame landschap ingetrokken. Als de grond zich laat ontginnen en de vissen in de brakke poelen willen gedijen zullen deze huisjes uiteindelijk vervangen worden door zelfgebouwde stenen huizen. Gemetselde dozen van hooguit twee verdiepingen hoog, met een plat dak.

De weg gaat over in een betonnen steiger en eindigt abrupt in zee. De toegang tot de steiger is afgesloten door een hefboom. Aan de overzijde van het water ligt de zandplaat met de aanlegsteiger voor de veerboot uit Hai Phong. De half afgebouwde elektriciteitsmast op de zandplaat torent hoog boven de vlakke horizon uit. Vanaf dit punt zal het eiland op het elektriciteitsnet van Hai Phong worden aangesloten en zijn de eilandbewoners niet langer afhankelijk van de luidruchtige dieselgeneratoren.

Aan een kleine eetstal op de trappen van een hotel in aanbouw ontmoet ik de tengere Oanh Oanh. Aanvankelijk stelt zij de gebruikelijke vragen: 'Ben je getrouwd, heb je kinderen, hoe oud ben je dan? Zo oud? Waarom ben je dan niet getrouwd?' Terwijl zij praat, snijdt zij de schil van een grapefruit in kleine snippers. Volgens Oanh Oanh trouwen veel Westerlingen niet omdat de westerse vrouwen egoïstisch zijn. Dat vindt zij maar vreemd, want westerse mannen zijn toch veel beter dan Vietnamese mannen? Beter, omdat zij hun vrouwen niet slaan.

Cursus Russisch

Oanh Oanh is vijfentwintig jaar en de jongste uit een gezin van vijf kinderen. Zij studeerde Vietnamese geschiedenis. Tijdens haar studie verbleef zij twee jaar in Moskou. Samen met haar oudere broer woonde zij in een Vietnamese wijk. Zij volgde er een cursus Russisch en werkte in een fabriek. Het was een heerlijke tijd, waar veel te snel een einde aan kwam.

Na haar terugkeer kon zij ondanks haar universitaire studie geen werk vinden. Het liefst zou zij voor de klas staan en les geven, maar er is geen plaats. Op het eiland heeft zij enige tijd in het staatshotel gewerkt, omdat zij naast Russisch ook wat Engels sprak. Tegenwoordig werkt zij in het eenvoudige restaurant van haar familie. Zij spreekt de toeristen aan om ze over te halen bij haar in het restaurant te komen eten en helpt haar schoonzus in de keuken. Daarnaast past zij sinds een half jaar op het tweejarig zoontje van haar zus uit Hai Phong.

Als Mi Lo's ouders hem op komen zoeken kruipt hij dicht tegen Oanh Oanh aan, bang dat zij hem weer mee zullen nemen. Hij is al zo aan haar gehecht dat hij zijn eigen ouders aanspreekt met oom en tante. Zijn ouders zijn arm, moeten hard werken en hebben daarom geen tijd om op hun kind te passen. Maar ook het restaurant van de familie is geen vetpot. Oanh Oanh's leven wordt beheerst door het binnenkrijgen van voldoende calorieën. Zij klaagt dat zij lelijk is. Vroeger was zij mooi, toen was zij vet, maar liefst vier kilo zwaarder dan op dit moment.

's Avonds eet ik met het gezin mee. De maaltijd bestaat uit rijst, gefrituurde tofu, een vingerhoedje vette vis, gezouten mosterdbladeren en rau mu'ong. Deze spinazieachtige groente is zonder de gebruikelijke knoflook gekookt, want knoflook is duur. Telkens als de familieleden rijst in hun eetkom scheppen voegen zij er wat eetlepels water aan toe. Als ik weinig opschep moedigen zij mij om beurten aan om meer te eten. De staartmoot vis raak ik al helemaal niet aan, maar ik krijg geen gelegenheid om bescheiden te zijn. Oanh Oanh's broer neemt de eetkom uit mijn handen, peutert met zijn eetstokjes wat vis van de graat en legt die behoedzaam op mijn rijst.

Karige maaltijd

Mi Lo eet slecht. Voor de maaltijd kreeg hij een handvol zachte snoepjes die hij aandachtig uitkauwde en daarna via zijn kin uit zijn mond liet glijden. Oanh Oanh geeft hem de snoep als compensatie voor de karige maaltijd die hij halverwege de lange dag op de peuterspeelzaal te eten krijgt. Rijst met een klein beetje vis.

Een uur na de maaltijd stappen de broer en het hulpje van het restaurant op een geleende motor om op de markt een kom rijstsoep met fijngehakt kippenvlees te kopen. Maar ook bij de soep sputtert Mi Lo tegen. Met een hoog stemmetje protesteert hij hevig en duwt de kom van zich af. De broer tilt Mi Lo op de motor en samen rijden zij de boulevard af.

Als zij terugkomen sabbelt Mi Lo tevreden op een geroosterde kippenklauw. Oanh Oanh neemt hem op schoot en tussen het kluiven door voert zij hem nog enkele happen van de soep. Halverwege de kom draait hij resoluut zijn hoofd af en nestelt zich diep in haar armen. Met smaak eet Oanh Oanh de rest van de soep op.

De eilandbewoners brengen een groot deel van de dag met wachten door. Oanh Oanh hangt in een stoel voor het restaurant en staart glazig voor zich uit. Vannacht heeft zij maar weinig geslapen, want Mi Lo had last van buikkrampen. De hele nacht is zij in de weer geweest om zijn buik te masseren en hem te troosten. Daarna begon de dag gewoon weer om vijf uur. Zij bracht Mi Lo naar het dagverblijf, maakte het huis schoon en deed de was. Nu wacht zij samen met de andere eilandbewoners op de komst van de veerboot uit Hai Phong.

Toeristen ronselen

Het afmeren van de boot is het hoogtepunt van de dag. Op de brede steiger verdringen motorrijders elkaar om goederen en passagiers te vervoeren. Hulpjes van de verschillende hotels omstuwen de spaarzame toeristen die aan wal gaan. Ook Oanh Oanh veert uit haar stoel op zodra de veerboot de haven binnen vaart. Ik krijg Mi Lo in handen gedrukt en in korte tijd gaan zijn plakkerige handen over mijn gezicht en armen. Oanh Oanh haast zich naar de steiger om toeristen te ronselen voor het hotel waar haar vriendin werkt. Voor haar bemiddeling krijgt zij een klein percentage van iedere overnachting die de toerist boekt.

Ik loop in Oanh Oanh's voetsporen mee, want zodra Mi Lo haar uit het oog verliest, probeert hij zich opgewonden uit mijn greep te bevrijden. De vraag naar hotelkamers is klein en het aanbod groot, zodat de kamers voor een schijntje verhuurd worden. De hulpjes van de verschillende hotels gaan ondanks de onderlinge concurrentie vriendelijk met elkaar om. Het zijn vooral de toeristen die geprikkeld op het gedrang reageren.

Ik ben een slechte kinderhoeder. Op het laatste moment voorkom ik dat een wegstuivende motorrijder Mi Lo omver rijdt. In de korte tijd dat ik op hem let, ziet hij bovendien kans om een van zijn slippers in de drie meter lager gelegen zee te werpen. Oanh Oanh heeft geen geluk gehad, maar zij neemt het luchtig op. Met Mi Lo aan de hand slentert zij naar het restaurant terug om het eten voor de mogelijke gasten van vanavond voor te bereiden.

 

naar de website van Jan Peter Wouters voor meer verhalen en info over Vietnam

 

 

     

 

 

 

 


 

 

Google