|
Vietnam: informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Azië
Aalsoep in Ninh Binh
Vietnam reisverhaal: verslag van een reis door Vietnam
(Tekst en foto's: Jan Peter Wouters)
deel 2/4
Voorouderverering
Na het verdrijven van de Chinezen door Ngo Quyen in 939 hield
Dinh Bo Linh hen vervolgens buiten de deur. Le Dai Hanh breidde
het gebied uit door enkele Cham vestingen te veroveren, zodat
ook de dreiging vanuit het zuiden werd opgeheven. Deze nationalistische
successen stellen de offers die door het gewone volk zijn
gebracht in de schaduw en worden gekoesterd als enige herinnering
aan die tijd.
Daarnaast hielden de koningen er in het verleden talloze
concubines op na en mochten onderdanen die zich verdienstelijk
hadden gemaakt de koninklijke naam voeren. Zodoende zijn er
veel Vietnamezen met een van oorsprong koninklijke naam. Le
en Nguyen zijn daardoor veelvuldig voorkomende familienamen.
Voorouderverering is gemeengoed in Vietnam, daar is niets
reactionairs aan.
De gebouwen zijn ernstig door vocht aangetast. De houten
pilaren rotten aan de voet weg. Twee mannen zijn bezig om
de schade provisorisch te restaureren. Het aangetaste hout
wordt rigoureus weggehakt. In een tobbe wordt tot poeder gemalen
hout aangelengd met een scherp geurende, dikke lijm. Met de
donkerbruine specie worden de gaten dicht gesmeerd. Ter versteviging
worden in deze ondergrond stukjes hout gedrukt. Het resultaat
is niet bijzonder fraai, maar effectief. De tempels kunnen
er weer even tegen, totdat zij een plaatsje krijgen op de
lijst van beschermde monumenten van de UNESCO en specialisten
worden ingevlogen om Vietnam's culturele erfgoed deskundig
en met verantwoorde middelen te restaureren.
Kleine aaltjes
De volgende dag trakteert de zoon van meneer Nguyen mij op
ontbijt. Er staat slang op het menu, heeft hij beloofd. Hop
rolt de Honda de huiskamer uit en wij rijden de Hoang Hoa
Thamstraat uit naar het drie straten verderop gelegen restaurant.
'Wij moeten ons haasten,' verontschuldigt hij zich 'want deze
maaltijd wordt alleen ’s ochtends geserveerd.' Als wij
bij het restaurant aankomen blijken de slangen kleine aaltjes
te zijn.
Volgens de journalist Giao Huong (Viet Nam News,
28 september '97) is aalsoep een specialiteit uit Vinh. Voor
inwoners van Vinh die lange tijd van huis zijn maakt de aalsoep
deel uit van hun culturele identiteit op het gebied van eten
en drinken. Het is een specialiteit van de stad, die dag en
nacht in de restaurants wordt geserveerd. In het geboortedorp
van de journalist, aan de rand van Vinh, woont de oude Hoi.
Deze man is zo bedreven in het vangen van de aaltjes, dat
hij een plaatselijke legende is geworden. Volgens Hoi moet
men om de aal te vangen het verschil leren zien tussen de
holen van aaltjes, krabben en slangen in de modderige dijkjes
langs de rijstvelden.
De kleur van het water voor het hol
van een aal is helder. Voor het hol van een krab is
het water troebel en voor het hol van een slang is het
water wisselend helder of troebel. Door jarenlange ervaring
kan Hoi aan de kleur van het water zien hoe dik de aal
is. Hij vangt alleen aal zo dik als zijn pink of dikker.
Tussen drie vingers grijpt hij de aal in het hol vast
en dan is er geen ontkomen meer aan.
Tijdens de oorlog was het dorp een weerloos doelwit
voor de bombardementen door de Amerikaanse luchtmacht
en beschietingen door de marine. Het dorp werd geëvacueerd,
maar de oude Hoi peinsde er niet over om zijn aaltjes
te verlaten. De volgelopen bomkraters vormden een nieuw
onderkomen voor de aal en een onuitputtelijke voorraad
voor Hoi. Overdag sliep hij in de schuilkelders en 's
nachts trok hij er met een verduisterde lantaarn op
uit. |
|
Gekweekt
Deze geschiedenis speelde zich af in een tijd waarin de landelijke
omgeving nog niet vervuild was en de aal in grote hoeveelheden
in de vrije natuur voorkwam. Tegenwoordig wordt de aal gekweekt
in grote watertanken, die het hele jaar rond een constante
aanvoer garanderen.
De aalsoep wordt geserveerd met gefrituurde uien, fijngehakte
groene kruiden en glasmie. Een kneepje citroen maakt de soep
af. Hop schenkt zichzelf een glas rijstwijn in en kijkt mij
vragend aan. Ik maak een afwerend gebaar; een glas gedestilleerd
om half acht 's ochtends is mij wat al te gortig. Toch is
Hop niet de enige die al op dit tijdstip drinkt. Aan de tafel
naast ons zitten twee fris gewassen mannen achter grote glazen
bier. Even een opkikkertje voordat zij aan het werk gaan.
In Vietnam wordt veel gedronken, op ieder tijdstip van de
dag en zonder blikken of blozen ook op werk. Blijkbaar hebben
de Fransen meer nagelaten dan alleen brood en La Vache qui
Rit.
De soep is bruin als het water in de rijstvelden. De gestoomde
aal is met vel en al van de graat gewreven en in de bouillon
gelegd. De aal smelt op de tong en smaakt in het geheel niet
vissig. Misschien heeft Hop gelijk en is de Vietnamese aal
nauw verwant aan de slang.
Het hotel heeft een motorchauffeur aan huis. Hele dagen hangt
hij rond in de lobby van het hotel in afwachting van gasten
die de omgeving van Ninh Binh willen verkennen. Hij heeft
een hoekig gezicht en een vlassnorretje. Zijn lippen zijn
diep blauw ondanks de hitte. Na het ontbijt rijdt hij mij
naar Tam Coc. De naam is van Chinese oorsprong en betekent
drie grotten.
Gefronste wenkbrauwen
Hij vraagt zijn geld vooraf en als eerste rijden wij langs
een pompstation. De pompbediende plaatst een trechter in de
tankopening en schept er een dikke klodder smeer in. Met de
benzine uit de pomp wordt de smeer gedeeltelijk opgelost en
doorgespoeld. Mijn chauffeur rijdt met voorovergebogen rug
en gefronste wenkbrauwen, - blijkbaar heeft hij iets sterkers
nodig dan een stofbril.
Wij rijden vier kilometer over de hoofdweg en slaan dan een
landweg in. Een breed plein gecentreerd rondom een enorme
boom markeert het vertrekpunt naar Tam Coc. Het plein grenst
aan een parkeerplaats voor bussen. Bezoekers van het natuurpark
moeten een kaartje kopen aan een tot loket omgebouwd huis.
Voor mij aan het loket staan twee struise Nederlandse vrouwen.
Uit hun zweterige wielrennersbroeken steken benen als boomstammen
en hun nek en schouders zijn roodverbrand. Zij mopperen op
het meisje achter het loket dat de oorspronkelijke prijs in
dollars tegen een ongunstige koers in dongs omrekent. 'Zelfs
de officiële instanties proberen je op te lichten,' foetert
de langste. 'Da's humor om te lachen,' antwoordt haar hoogblonde
vriendin. Luidkeels vervolgen zij in het Nederlands hun protest,
maar trekken uiteindelijk aan het kortste eind.
Langs de lage kade liggen talloze bootjes van gevlochten
riet afgemeerd. Ik krijg een bootsvrouw aangewezen en klim
behoedzaam aan boord. De rand van haar boot is verstevigd
met gebogen bamboe dat met ijzerdraad aan de wanden is vastgezet.
De dwarsplanken rusten op dit bamboe raamwerk.
| Het riet is dicht gesmeerd met teer dat
aan de binnenzijde van de boot snel verweert en is begroeid
met een dunne laag groene algen. De bodem is stevig en
massief, maar door het poreuze riet en teer sijpelt langzaam
water binnen. De bootsvrouw schept de boot niet helemaal
leeg, want het water in de boot voorkomt dat het riet
uitdroogt en nog poreuzer wordt. Met haar voeten aan de
peddels manoeuvreert zij onze boot tussen de andere boten
door. Zodra wij de waterweg door de rijstvelden bereiken
plant zij de peddels diep in het water. Achterover geleund
fietst zij kalm met haar voeten in de lucht. |
|
verder
naar "Aalsoep in Ninh Binh" deel 3
|