Sri Lanka: informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Azië

SRI LANKA: per trein naar de Kandy Perahera

(Tekst en foto's: Bert Taken)

deel 2/2

Even voorbij Ohya passeert de trein de Totapola, met 2359 meter de één na hoogste bergtop van het land. Het wordt vochtig en kil in het compartiment. De rails zijn regelmatig in wolkenflarden gehuld en er valt continue een druilerige regen. Af en toe zie ik groepjes mensen langs het spoor sjokken. Bij gebrek aan voldoende wegen is voor veel mensen in Sri Lanka de spoorweg een zeer geschikt wandelpad. Wanneer ze in de verte een trein horen aankomen, nemen ze even plaats in het struikgewas tot de trein voorbij is en zetten hun weg dan voort. Tussendoor maak ik enkele malen een wandeling door de gehele trein.

In de tweede klas compartimenten is het aanzienlijk voller. Veel mensen slapen. Een ouder echtpaar wenkt me en ik neem plaats tegenover hen. Zij herkennen me van het Kataragama-festival, enkele dagen eerder. Dit multireligieuze festival trekt elk jaar tienduizenden Hindoes, Moslims, boeddhisten en zelfs Christenen. Voor je Hindoes is de Kataragamagod een reïncarnatie van de twaalf-armige en zes-hoofdige god Skandra. Voor de boeddhisten is de Kataragama Devale de pIaats waaraan Boeddha ongeveer 25 eeuwen geleden een bezoek bracht. In het park, dat het heilige gebied van Kataragama vormt, staan op een zeldzaam tolerante wijze een hindoe empel, een boeddhistische tempel en een moskee naast elkaar. De vrouwelijke helft van het echtpaar lijdt aan een luidziekte en hoopt in het koele water van de Ganga Menik enige verbetering te vinden. Ook is het echtpaar op zoek laar een passende Hindoe-echtgenoot voor hun dochter.

Gearrangeerde huwelijken komen in Sri Lanka nog veelvuldig voor. In het Engelstalige zondagsblad The Sunday Observer staan vele bladzijden met huwelijksadvertenties, met gegevens over inkomen, horoscoop en bruidsschat.

De deuren staan allemaal open en verschillende mensen zitten op de treeplanken van de frisse wind te genieten. De tussencompartimenten van je trein staan vol met mensen. Op de meeste perrons wachten de mensen met instappen tot de guard met zijn fluit het sein tot vertrek geeft. Daarna is er namelijk nog genoeg tijd om in de langzaam in beweging zettende trein te springen. De laatste mensen vinden het blijkbaar geen probleem om een groot deel van de reis half buiten de trein te hangen.

In de derde klas is het helemaal volle bak. De sfeer in de trein heeft er echter geenszins onder te lijden. In één coupé heeft zich een groep jongens met tabla's en andere trommels verzameld. Om de tijd te doden en het ongemak van de povere zitplaatsen te vergeten, zingen ze voortdurend liedjes, geestdriftig bijgestaan door de andere mensen in de coupé. Groot is het enthousiasme als ik inga op de uitnodiging om mee te klappen en te dansen. Wat een groot verschil tussen de feestende derde klas coupé en het onderbezette, saaie eerste klas compartiment! Tijdens het zingen en dansen lachen de mannen hun donkerrode tanden bloot. De kleur is het gevolg van de dagelijkse opkikker: een opgerold betelblad met daarin enkele stukjes areca-noot en een portie chunam-pasta. Regelmatig spuwen de kauwers een vuurrode klodder speeksel op de vloer waardoor het lijkt alsof de wagon het toneel is geweest van een recente, bloedige aanslag.

Het restaurant van de trein bestaat uit een compartiment met enkele vieze, vette tafeltjes en een winkeltje met een vloeroppervlak van ongeveer één vierkante meter, volgestopt met lauwe frisdrank, koekjes en door tientallen handen betaste oude broodjes. De vloer ligt bezaaid met papier, pindaresten, plastic zakjes, fruitschillen en andere rommel. De bittere, sterke en mierzoete thee is van een minderwaardige kwaliteit. Op de theeplantages wordt de gedroogde thee verdeeld in betere en grotere theeblaadjes voor de export en fijn gemalen blaadjes en afval voor eigen gebruik.

De catering wordt verzorgd door enkele jongens en mannen die met een mand vol pinda's, chocolade, kauwgom, sinaasappels, pittige broodjes en frisdrank door de trein lopen. Onophoudelijk ratelen ze het gehele assortiment van hun mand op terwijl ze langs de reizigers lopen. Op perrons komen af en toe mannen met een mand vol avocado's of een verzameling volsappige, oranje kokosnoten langs. Behendig slaan ze met hun kapmes de top van de kokosnoot en maken er met vier tikken met de punt van hun mes een vierkante opening in.

In de buurt van Kandy daalt de trein weer naar zo'n 500 meter hoogte. Buiten zie ik verschillende rijstterrassen. Om 20.00 uur arriveer ik met ruim drie uur vertraging in Kandy. Ik ben een lange dag onderweg geweest, bepaald geen snelheidsrecord voor een traject van 164 kilometer. De prachtige landschappen en de bijna koloniale sfeer in de Observation Car zijn het echter wel waard geweest. Het is inmiddels donker geworden. Het is de vierde dag van het Esala Perahera. Ik hoor het klappen van zwepen en een grote donderslag kondigt het begin van de dagelijkse optocht aan. Er resteren nog zes dagen tot de laatste dag het festival zijn hoogtepunt bereikt.

De Kandy Esala Perahera

Eén van de kostbaarste boeddhistische relikwieën, de linker bovenhoektand van Boeddha, bevindt zich vanaf de 4e eeuw op Sri Lanka. Sinds 1590 wordt dit relikwie zorgvuldig bewaard in de Tempel van de Tand, de Oalada Maligawa, in Kandy. Gedurende twee weken in augustus wordt ineen grote processie, de Kandy Esala Perahera, een replica van de tand (de echte blijft veilig opgeborgen) rondgevoerd door de stad en aan het volk getoond. Het unieke van deze optocht is dat dit boeddhistisch relikwie door de vier Hindoe-tempels, devalas, van Kandy wordt georganiseerd: hindoes en boeddhisten nemen met evenveel respect en devotie deel aan de perahera.

De eerste zes dagen is de stoet nog niet spectaculair: de betrokkenen zijn in het wit gekleed en leggen een wat kortere route af.De volgende vijf dagen zijn de tempeldienaren en hoogwaardigheidsbekleders gekleed in kleurrijke, ceremoniële kleding. De optocht wordt steeds groter en er nemen steeds meer olifanten, dansers en muzikanten aandeel. Tijdens de laatste dagen vloeit er de gehele middag een constante stroom van tienduizenden mensen naar het centrum van de stad. AI vroeg in de middag nemen mensen plaats langs de mooiste zijden van de route. En al die bezoekers trekken ook verkopers aan: sommige jongens verkopen grote stukken blauw plastic dat als paraplu en als beschermende zitplaats kan dienen, andere jongens sjouwen met etenswaren en frisdranken.

Aan het begin van de avond is het afgeladen vol. Honderden meisjes in uniformen van het Rode Kruis lopen rond met jerrycans vol water om dorstige toeschouwers van dienst te zijn. Door de luidsprekers klinkt alom een plechtig, hypnotisch gezang. Vlakbij de tempel zijn aan de meerzijde tribunes gebouwd waar de rijke Singalezen en toeristen voor Rs 500 totRs 1500 plaats kunnen nemen. De Tempel van de Tand baadt in een zee van lampjes. Op de laatste avond wordt de Tand in een zilveren schrijn rondgedragen op de rug van een Tusker, een prachtig versierde tempelolifant met grote slagtanden behangen met lampjes. Vóór de olifant worden steeds witte kleden op de straat gelegd zodat de olifant geen contact met de vieze straat hoeft te hebben. Aan de kop van de stoet lopen een hoop mannen met grote zwepen die ze luid laten knallen om de mensen te attenderen op de komst van de stoet. Overal gooien mensen munten op straat.

Vervolgens zijn er honderden trommelaars, met ontbloot bovenlijf, die urenlang een opzwepend, tranceverwekkend ritme slaan terwijl ze in een zigzaggende choreografie voortbewegen. Daaroverheen klinken de snerpende klanken van fluiten die steeds dezelfde melodie eindeloos herhalen. Langs de stoet lopen fakkeldragers met toortsen van brandende kokosolie waarvan grote vlammen met zwarte rook vlak over de hoofden van de toeschouwers schieten. Meer dan honderd versierde olifanten lopen mee in de stoet. Tussendoor dansen vele honderden mannelijke dansers met glimmende hoofdtooien en borstbedekkingen. De stoet wordt afgesloten door een grote verzameling acrobaten, vuurdansers en duizenden pelgrims waarvan diverse met pijlen of messen door hun wang of tong. Ook is er een wagen met gloeiende kolen, waar mannen met blote voeten beurtelings overheen lopen. Het hele eiland schudt op zijn grondvesten. In de loop van de avond lijkt elke deelnemer in de stoet in trance en is iedere toeschouwer in extase.

Het duurt nog vele weken voordat de geur van brandende kokosolie, het gedreun van de honderden trommels, het hypnotiserende gefluit en het onophoudelijke gedans een beetje uit mijn hoofd is verdwenen.

 

Algemene landeninformatie SRI LANKA

De republiek Sri Lanka is een eiland in de Indische Oceaan ten zuiden van India. Het land werd op 4 februari 1948 onafhankelijk van Engeland. Het totale landoppervlak bedraagt ongeveer 66.000 vierkante kilometer en het hoogste punt is de berg Pidurutalagala met 2524 meter. De bevolking van ruim 19 miljoen mElnsen bestaat uit Singalezen (74%), Tamils (18%), Arabieren (7%) en Burghers (afstammelingen van Nederlanders, Engelsen en Portugezen). De meeste mensen zijn Boeddhist (69%), maar er is ook een grote minderheid Hindoe (15%), Christenlijk (8%) of Moslim (8%). De levens- verwachting bedraagt ruim 72 jaar, dus dat geeft aan dat het goed vertoeven is op het eiland.

Taal
De officiële taal is het Singalees, maar ook het Tamil is een nationale taal die weliswaar door een minderheid wordt gesproken. De overheid gebruikt ook vaak Engels als voertaal. Veel inwoners spreken in meer of mindere mate Engels, waardoor het vrij gemakkelijk is om een gesprekje met de vriendelijke, nieuwsgierige Singalezen te voeren.

Klimaat
Behalve in de hoger gelegen gebieden is het in Sri Lanka a/tijd warm. Gedurende de maanden juni-oktober vallen er in het zuid-westen van het land korte, hevige buien vanwege de moesson. Het is dan vochtig en warm in dit gebied. Ook in deze periode zijn er voldoende droge periodes die het bezoe- ken v fin het land de moeite waard maken. Gedurende de maanden november-maart kent het noordoosten een wat zwakkere moessontijd. Het bergland in het midden verdeeld Sri Lanka dus in een overwegend heet en droog zuidoosten en een warm en vochtig zuidwesten.

Vervoer
Alle wegen, met name in het zuidwesten, zijn druk bezet. Grote SL TB-bussen en kleine minibusjes verbinden alle grote steden met elkaar. Een taxi van Colombo naar Negombo kost bijvoorbeeld Rs 500. Als je een auto met chauffeur/gids wilt huren moet je rekenen op ongeveer 2000 Rs per 100 kilometer, onge- acht het aantal passagiers. Bij vervoer binnen steden en over kleinere afstanden kun je gebruik maken van motordriewielers en taxi's (soms nogoude Engelse Morris Mi1)9rS).. Op verschillende plaatsen kun je ook fietsen huren (100 Rs per dag).
Het spoorwegennet is totaal 1484 kilometer lang en bestaat bijna uitsluitend uit breed- spoor (1,676 meter breed). Het dateert uit de koloniale Engelse tijd. Het js niet meer zo goed onderhouden, maar het is een rustige, relaxte manier van reizen. Er zijn vijf trajecten die bijna allemaal Colombo als vertrek- of aankomstplaats hebben. Het traject Colombo- Kandy-Bandarawela-Baduela voert door het prachtige bergachtige gebied midden op het eiland en is een echte aanrader.

Verblijf
Overal in het land, maar met name aan de zuidwestkust zijn zeer veel middenklasse hotels en tophotels. In alle plaatsen zjjn echter ook goedkope, vaakzeer gezellige guesthouses (gemiddeld 400 Rs). Vaak wordt zo'n guesthouse gerund door een vriendelijk oud echtpaar dat enkele kamers verhuurd en dat vreselijk zijn best doet om het naar je zin te maken.

Eten en drinken
Het nationale hoofdgerecht is de curry. In de meeste restáurants kun je aangeven of je de curry hot, medium of mild wilt. Naast rijst bestaat zo 'n curry uit groenten, vis of vlees, kokos en aubergine. De Tamil-keuken kent veel smakelijke gerechten waaronder de buryani: rjjst, groenten en kip gekookt in bouillon. Een andere lekkernij is de hopper: een holle, flinterdunne pannenkoek van rijstmeel, gevuld met curries. Ook voor vegetariërs is er veel keus. Hoewel de Ceylon-thee over de hele wereld bekend is, is de thee in het land zelf van matige kwaliteit. De beste thee wordt geëxporteerd, de mjndere poederthee zelf geconsumeerd.

Veiligheid
Het grootste deel van de bevolking is zeer tolerant. Op diverse plaatsen in het land zijn heilige plaatsen waar boeddhistische tempels, hjndoe-tempels en moskeeën al vele honderden jaren broederlijk naast elkaar staan. In het noorden van Srj Lanka woont een Tamil-minderheid die naar meer zelfstandigheid streeft. Af en toe komen in dit gebied gevechten tus- sen het Singalese leger en de Tamil-strijders voor. Een bezoek aan dit gebied wordt meestal afgeraden. Geen van de strijdende partijen hebben het echter ooit op toeristen gemunt De rest van het land is altijd zonder proble- men te bezoeken. In de rest van het land komen in bussen en treinen af en toe controles door politie of leger.

 

 

     

 

 

 

 


 

 

Google