|
Jordanië: informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's
Naar de schatkamer van Jordanië
Jordanië reisverhaal: verslag van een reis door Jordanië
(tekst en foto's: Hans en Maud)
Amman
We zitten in een echte stad, een normale met verkeersregels
en voetgangersstoplichten. We zitten middenin de chique ambassadewijk.
Helaas is het hotel daar niet aan aangepast. Gisteren eerst
nog Bosra aangedaan met een enorm theater in zeer goede staat.
Daarbuiten een heleboel ruïnes van de oude stad. Als
wij in ons boekje lezen dat Bosra nog steeds bewoond wordt
maken we nog steeds de fout te denken dat er een dorpje bij
de oude stad is.
| Vanaf de grens krijgen we een nieuwe
gids, Antón, mee en een Jordaanse politieagent
die steeds zit te slapen in de bus. Jerash bezocht met
weer een theater. Met fantastische akoestische effecten
deze keer. Toen we daar eindelijk waren uitgespeeld
de rest bekeken. Er was nog veel moois te zien zoals
een enorme "fontein" naast de hoofdstraat
en bewegende pilaren. Vanmorgen vanaf Mount Nebo naar
het beloofde land gekeken zoals Mozes deed. Helaas was
het vandaag voor het eerst wat bewolkt dus te heiïg
om echt veel te zien. Als ik thuiskom ga ik de bijbel
weer eens lezen, maar dan als geschiedenisboek van al
de plaatsen die we in de loop der tijd bezocht hebben,
zonder in Israël te zijn geweest. De kerk op Mount
Nebo bevatte erg mooie mozaïeken. Vervolgens nog
meer mozaïeken bekeken, namelijk de beroemde landkaart
van Palestina in Madaba. In Madaba brachten we echter
meer tijd door in de bank waar ze ons f 60,= administratiekosten
in rekening wilden brengen wegens een bureaucratische
regel. |
|
De nummers volgden elkaar niet op en dus moesten we f 15,=
per cheque (van f 100,=) betalen. Via de bankmanager liep
het uiteindelijk toch nog goed af en betaalden we zo'n 3%
kosten. Jordanië blijkt helaas nu al het land van de
toeristenmelkers te zijn. Tenslotte hebben we ons laten drijven
in het badwater-warme water van de Dode Zee. Een gekke ervaring.
Je tilt je voeten van de bodem en je wordt onmiddellijk horizontaal
getild door de opwaartse druk. Wel pijnlijk bij wondjes dit
water met een zoutgehalte van 33%.
Petra
Eergisteren zijn we via de King's Highway naar Petra gereden.
Onderweg hebben we nog een tweetal ruïne-kastelen (Kerak
en Shobak) aangedaan maar die oude stenen hebben we nu wel
gezien. Daar stond tegenover dat het landschap onderweg mooi
was met name de wadi's. En als klap op de vuurpijl hebben
we ons twee dagen lang de blaren op de voeten gelopen in Petra.
Vooraf konden we ons niet echt een voorstelling maken buiten
de bekende plaatjes, maar het is sprookjesachtig mooi. De
rotsen zijn niet alleen rood maar hebben marmerpatronen in
de meest fantastische kleuren: rood, roze, geel, blauw, paars,
wit en grijs. En het complex is enorm. Dat is het best te
zien vanaf de "Hoge Offerplaats". Zover het oog
reikt (en dat is ver) zijn tombe's en huizen in de rotsen
uitgehouwen.
| In het midden is een grote open vlakte
waar vroeger de stad stond. De kleuren van de stad veranderen
naarmate de dag vordert. Dat is met name goed te zien
bij "De Schatkamer": 's morgens zachtroze en
's avonds dieproze. Waaghalzen als we zijn hebben we ook
de urn van "Het Klooster" beklommen. De urn
zelf was het probleem niet; wel de klim en de afdaling
om daar te komen. Kortom Petra was een geweldige belevenis
die verder niet te beschrijven valt. We proberen door
wat bij elkaar gezochte stenen de kleuren vast te houden.
|
|
Aqaba
| Gisterenochtend zijn we om 5 uur opgestaan
om via de Wadi Rum naar Aqaba te vertrekken. En wat gebeurd
er als we speciaal zo vroeg opstaan? De bus gaat onderweg
kapot en daar staan we dan 2 uur langs de kant van de
weg, zodat we toch nog op het heetst van de dag in de
woestijn zitten. Zittend dus, achterop een minitruck,
razen we de woestijn door: magnifiek! Wát een overweldigend
landschap. Zelden zagen we zoiets moois. |
|
We zagen de ander 4-W-D's als stofwolkjes langs de enorme
rotsen schieten en realiseerden ons dat we zelf ook zo'n vogelvrij
wolkje waren; op 2 keer na dan toen we vastzaten in het rulle
zand. Hans is nog van een knaloranje zandduin naar beneden
gerend (heet!). Hier willen we nog wel eens een paar dagen
doorbrengen. Wat een gevoel van vrijheid moet dat zijn. De
volgende dag hebben we gesnorkeld in de Rode Zee. We werden
met onze kleding aan tegen het verbranden, duikbril en snorkels,
hartelijk uitgelachen door de plaatselijke bevolking. Wij
moesten stiekem ook lachen toen we een vrouw in lange jurk,
met hoofddoekje om en een zwemband rond haar middel te water
zagen gaan.
We hadden niet gehoord dat er maar één plek
was om het rif door te komen en kwamen er dan ook max. 50
cm boven te hangen. Het wemelde er werkelijk van de zeeëgels.
Doodeng! We durfden onze flippers niet meer te bewegen. Achteraf
is het een wonder dat we niet gestoken zijn. Gelukkig maar,
gezien de toeristen die wel op zo'n ding gingen staan en vergingen
van de pijn. Je moet je dus een strook evenwijdig aan de vloedlijn
voorstellen daarachter ineens diepte. Je moet dus door het
diepe stuk zwemen langs het rif af, alsof je door een canyon
loopt. Toen we dat eenmaal door hadden was het erg mooi. Het
was minder kleurrijk dan verwacht, toch zagen we ook wat blauw,
paars en roze koraal en wat aparte vormen zoals een beker.
Er waren niet veel vissen maar wel veel verschillende. We
zagen een leeuwvis en een 60 cm lange trompetvis. Verder wat
kleine naaldjes (?) en veel kleurrijke vissen en zeekomkommers.
Het was er zo heet dat ik zelfs door mijn t-shirt en met factor
20 op verbrand ben.
's Avonds hebben we nog op het lokale strand van Aqaba gezeten.
Wát een sfeertje; eindelijk vinden we weer wat Arabië
terug in Jordanië. De avondlucht is zwoel en vol van
de zoete geur van talloze waterpijpen. Het muurtje waar je
op zit is nog heet van de middagzon. Langs de baai zijn duizenden
lichtjes te zien en ook zijn alle lampen op de enorme tankers
voor de kust aan. Het strand zit helemaal vol met gezinnen
met hun eigen gasbrander, theepotje en koelbox. Uit de stalletjes
klinkt Arabische muziek. Arabische avonden zijn deze hele
reis wonderlijk gebleken. Het lijkt wel alsof de mensen pas
echt tot leven komen als de hete zon verdwenen is. Morgenmiddag
vertrekken we naar Amman en de volgende nacht naar huis. Het
was geweldig maar we zijn nu toch wel uitgeblust, dus het
is tijd om te gaan.
Amman
Gelukkig hadden wij nog een extra dag in Amman om de stad
wat te verkennen en de laatste inkopen te doen. Omdat wij
van Afriesj waren overgeboekt hadden we een dag extra). We
zijn vanmorgen eerst de citadelheuvel opgegaan alwaar we een
mooi uitzicht over deze zevenheuvelige stad hadden. Er was
een schattig museumpje met o.a. een paar dode-zee-rollen.
Men was druk bezig het Omayyadenpaleis te restaureren. Daar
hebben we een tijd bij staan kijken. De archeologen waren
druk doende ingewikkelde problemen op te lossen en het werkvolk
beitelde met de hand nieuwe moderne ornamenten. Toen we de
weg vroegen naar de stad waren de mensen zo vriendelijk om
een eindje mee te lopen.
Nog voor we de deur van het Visitor's Center geopend hadden
werden we daar al onthaald door 3 supervriendelijke Irbidse
meisjes die ons volstopten met folders, plattegronden en informatie.
We hebben maar gezegd dat we hierna nog 2 dagen blijven. Vervolgens
maakten we nog twee staaltjes van verbluffende gastvrijheid
mee. Toen we even zaten uit te rusten kwam er meteen iemand
ons zijn hele levensverhaal vertellen en verdween vervolgens
weer. Hij vond het blijkbaar leuk zijn Engels op te halen.
Vervolgens kregen we een uitgebreid gesprek over de Islam
met een voorbijganger die zag dat we de Husseini Moskee stonden
te bekijken. We hebben weer wat nieuws geleerd: men bidt schijnbaar
ook vaak richting Jeruzalem. Wat een heerlijk volk!
|