Peru, informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, wereldreis, foto's, Zuid Amerika

Elf maanden Zuid-Amerika: Peru

(tekst en foto's: Barry & Renée Doodeman)

deel 1/4

Nieuw land nieuwe kansen...

Na ruim twee maanden Ecuador werd het toch wel tijd voor een nieuw land, dus hebben wij ons wederom in de bus gehesen (5.45 ´s ochtends!) om er bij de imigratiedienst van Ecuador weer uit te jumpen. Snel een stempel halen, een pick-up truckje regelen (samen met 4 andere toeristen) dat ons naar het grensstadjeTumbes bracht. Daar lopend de grens overgestoken, ondertussen alle mannen die geld wilden wisselen proberen te ontwijken. Met z´n 6-en in twee auto´s gesprongen die ons naar de imigratiedienst van Peru reden om daar weer een stempeltje te ontvangen en daarna bij een heus kantoortje toch maar wat dollars ingewisseld voor soles anders is het zo lastig betalen.

Maar daar bleef het natuurlijk niet bij... we wilden verder. Het Italiaanse echtpaar bij ons in de truck had een enorme Amerikaanse bak met chauffeur geregeld waarmee wij in 3 uur (in plaats van 4 of 5 uur met de bus) de volgende grote stad Piura zouden kunnen bereiken. Kunnen ja, want onderweg hebben we natuurlijk ook nog lekker aan zee gelunched zwaaiend naar alle bussen die voorbij reden. Maar scheurend in zo´n gammele auto door de woestijn met bergen aan de linkerkant en de zee aan de rechterkant da´s toch ook wel bijzonder. Piura was slechts een stop voor één nachtje (waren daar echt de enige toeristen) dus de volgende ochtend weer 3 uur verder naar Chiclayo en toen werd het toch echt wel weer eens tijd om wat te gaan bekijken... Bovenstaande reis lijkt wat chaotisch en soms voelde het ook zo, maar uiteindelijk is het allemaal supervlot verlopen, zoals wel vaker word je gewoon van de ene naar de andere bestemming geschreeuwd (als je er zelf maar rustig onder blijft :-).

Terug naar het verleden

Het Noorden van Peru word ook wel het Egypte van Zuid-Amerika genoemd en daar hebben ze wel gelijk in. Met haar betonnen nog niet af gebouwde huizen, haar sporadische palmbomen en haar eindeloze zandvlakten afgewisseld met rotsachtige bergen deed Noord-Peru ons zeker denken aan Egypte. Tel daarbij nog eens flink wat ruïnes en graven van belangrijke priesters op en het beeld is compleet. Wat een verschil met de Andes en de bananenplantages waar we net vandaan kwamen.

De eerste dag in Chiclayo hebben we samen met Claudio en Mirella (uit Italië dus) een aantal graven in Sipan bekeken. Hier is o.a. het graf van de Lord van Sipan gevonden, een belangrijke oorlogspriester die in zijn graf genoeg verschillende garderobes (van goud, koper, schelpen en textiel) meekreeg om de rest van zijn nieuwe leven goed gekleed voor de dag te komen. Het Chimu volk had geen schrift maar heeft wel veel keramieke potten achtergelaten met daarop alle afbeeldingen van o.a. rituelen (mensenoffers waren bijna dagelijkse prik). Totdat de graven van de oorlogspriesters werden gevonden (1987) was niet helemaal duidelijk of de belangrijkste figuren op de potten goden voorstelden of echte mensen. De bijzondere kronen en ´harnassen´ in de graven bleken exact hetzelfde als op de afbeeldingen. Muy interessante, het was dus allemaal echt waar!

De tweede dag met z´n vieren een tourtje gedaan. Eerst langs het museum van Sican (in 1991 zijn daar twee belangrijke graven gevonden) daarna tussen de 26 piramides van Tucumbe gewandeld. Deze piramides zijn gebouwd door verschillende volkeren en uiteindelijk overgenomen en uitgebreid door de Inca´s. Omdat ze van kleibakstenen zijn gebouwd, zijn ze door de vele jaren (ong. 1700 jaar) en de vele niño´s bijna niet meer te herkennen als piramides maar lijken ze meer op geërodeerde zandbergen. Als je er eenmaal bovenop staat wordt het gelukkig allemaal wat duidelijker. Na de lunch hebben we in het nieuwe museum ´Tumbes Reales´ alle schatten bewonderd die gevonden zijn in de graven van Sican en Sipan. Wat een boel goud en potjes, en hoe hebben ze dat toch zo mooi en verfijnd kunnen maken? Indrukwekkend en een goede combinatie als je ook de echte vindplaatsen hebt gezien.

Trujillo

Diezelfde avond zijn we in 3 uur doorgereden naar Trujillo waar we in hetzelfde hostal hadden afgesproken als Hanna en Keimpe die we de dag daarvoor in de lobby hadden ontmoet. Altijd gezellig om weer eens nederlands te kletsen. Na een dag rondwandelen door dit coloniale stadje (ook hier veel oude gebouwen met grote patio´s en houten balkonnen), taxi´s ontwijken (de hele straat ziet geel, 1 op de 20 auto´s is géén taxi!), wasje laten doen en ´s avonds op de hostal kamer met H&K een nieuw spel gespeeld, zijn we op dag 2 met z´n vieren weer wat ruïnes gaan bekijken. Tja, als je er toch bent... Eerst de piramide van de zon en de maan mogen aanschouwen. In de maantempel zijn nog beschilderde muren te zien (met reliëf) en komen er nog steeds nieuwe lagen tempel uit het zand tevoorschijn.

Na de lunch hebben we een tempel bezocht die ze in de jaren 70 hebben gerestaureerd, wat inhoudt dat ze hem hebben afgebouwd zoals ze dachten dat die er moet hebben uitgezien. In de woenstijn tussen Trujillo en de zee hebben we in de grootste ´kleistad´ ter wereld, Chan Chan, een paleis bekeken. Lopend over grote pleinen omgeven door muren, met daarachter een registratiecentrum waar het volk belasting in de vorm van vis moest betalen (de muren hebben hier dan ook het patroon van een visnet), via een ´inhouse´ mega vijver kwamen we aan bij de graven van o.a. de belangrijkste man alle mensen die hem moesten vergezellen bij zijn dood.

Ook in Chan Chan hebben vele Niño´s huisgehouden en krijg je met name door de gerestaureerde gedeelten een indruk van hoe het er ooit heeft uitgezien. Maar alleen al de uitgestrektheid is indrukwekkend. De dag hebben we afgesloten met een jugo de Naranja op een terasje met uitzicht op zee en op de rieten visserbootjes (kleine paardjes genoemd) waar ze in vroegere tijden ook al de zee mee trotseerden. Na zoveel historie waren we weer helemaal klaar voor een avontuur in de natuur. Dus op naar de bergen van Huaraz!

Heel hoog in Huaraz

Na onze eerste, en hopelijk ook een van de laatste, nachtrit in de bus, kwamen we om 7.00 niet echt fris meer aan in Huaraz. Verkouden geworden en met enorm droge kelen (tijdens de nacht waren we 3.000 meter gestegen, misschien lag het ook daar aan) maar de besneewde bergtoppen aan de horizon maakten het toch weer een beetje goed. Eerst nog even wat informatie gekregen over de vele trekkings die je daar kunt maken en daarna nog wat uurtjes bijgeslapen. Huaraz is een niet al te mooi dorp (standaard, veel auto´s en betonnen gebouwen) maar wel het verzamelcentrum voor alle reizigers om de bergen in te trekken. Sommige klimmers komen ook speciaal naar Peru alleen voor het Huaraz gebergte. Variërend van 14 dagen wandelen tot 1 dag met de bus, het witte gebergte is door iedereen te bezoeken.

Omdat wij zelf nog vrij onervaren zijn op het gebied van lange trekkings en overnachten in de bergen besloten we het rustig aan te doen en op een 2 daagse tocht met 1 overnachting de bergtoppen van dichterbij te gaan bekijken. Maar eerst even acclimatiseren, 3.000 meter is al wat maar we zouden natuurlijk nog hoger gaan. Om het proces wat te bespoedigen zijn we de volgende dag met een bus (en andere acclimatiseerders) het national park ingetrokken, via zeer hoge en grote planten (zelfde familie als die in de Paramo in Ecuador), een borrelende waterbron, 3 lama´s en een oud vrouwtje (foto! foto!) slingerden we door het barre hoogland bekroond met besneewde toppen en gletsjers. Dat was dan ook het einddoel van de trip, wandelen op een gletsjer op 5.200 (!) meter hoogte. Fleece jacks, windstoppers, mutsen en handschoenen, we kwamen voorbereid maar niets (ook geen coca thee) kan je echt voorbereiden op het zuurstoftekort op die hoogte. Dus in slakkentempo legden wij het lange pad af dat ons naar de basis van de gletsjer zou brengen (de peruanen deden dat stuk met een paard, maar we wilden immers aclimatiseren dus moesten we wel gaan lopen).

Om niet meteen opgescheept te raken met een migraine hield Renée het na 1 uur voor gezien om door haar verrekijker Barry te observeren die zich glibberend op gletsjer begaf. He made it! Bovenop de gletsjer (5.400 meter) werd hij beloond met een super uitzicht en is hij op een kleine verkenningstocht gegaan. Eenmaal terug in de bus had niet iedereen het even makkelijk en werden er links en rechts wat zakjes volgespuugd. De gefrituurde forel (uit een bergmeer) kon Barry ook niet meer zo bekoren, hij moest eerst even door zijn hoogtedip heenkomen.

 

Verder naar "Elf maanden Zuid-Amerika: Peru deel 2"

 

 

     

 

 

 

 



 

Google