|
Panama, informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Midden Amerika
Fietsvakantie Panama
reisverslag van een fietsvakantie Costa Rica en Panama
2005 - deel 4/6
(Tekst en foto’s: Aart & Gerrie Dijkzeul)
Over de bergketen zijn we weer in een totaal
andere wereld
De grensovergang bij Sixuola. Niet te beschrijven. Een grote
vieze modderzooi. De grensovergang wordt gevormd door een
niet meer voor de bananentrein in gebruik zijnde spoorbrug.
Eén smalspoor. In de lengterichting zijn dikke planken
over de spoorbielzen gespijkerd. Afwisselend gaan daar de
voetgangers en de opleggers met bananen overheen. Aan de Panamese
kant is het even smal en even blubberig. In een kot zit één
douane ambtenaar die voor iedereen die de grens over steekt
met een pen en keurig handschrift een formulier invult. We
staan daar ruim een uur te wachten. Volledig afhankelijk van
wat de ambtenaar achter het bureau behaagt te doen. Dan komen
de verlossende stempels en handtekening. We zijn in Panama.
Een ander land; ander volk. Veel mensen in dit gebied lijken
van Indiaanse afkomst. Maar even vriendelijk. Als we in Changuinola
bij een kruising linksaf gaan wordt er van driekanten geroepen
dat we de andere kant op moeten. Komt dus wel goed hier.
 |
|
Changuinola - David: peentjes zweten
Donderdag vertrekken we niet al te vroeg uit Changuinola.
Het is meteen goed raak. Op de kaart is de kleur die de hoogte
van het terrein aangeeft de hele route hetzelfde: groen. Lekker
vlak denk je dan. Maar in het gebied tussen nul en 600 meter
kan je, zo blijkt, toch nog heel wat flinke heuvels hebben.
Dat is peentjes zweten, ook door de stralende zon. Hele stukken
tussen de 10-15% stijging. En bij dat laatste percentage trekken
onze benen het niet meer en moeten we lopen. Maar dat gaat
ook niet vanzelf. Daar staat tegenover dat, anders dan de
kaart aangeeft, de weg verhard is.
 |
|
Bijna honderd kilometer weg met weinig verkeer en zonder
stad of dorp. Alleen wat verspreid liggende huisjes van indianen
en soms een verzameling van zo´n twintig van die huisjes.
Verder alles groen en ongerept. Soms met prachtig uitzicht
op de Caribische zee en de vele eilandjes die daar liggen.
Onderweg komen we nog zo´n zelfde brug tegen als die
over de grensrivier tussen Costa Rica en Panama. Alleen deze
is in reparatie. Dat betekent geduldig wachten tot de mensen
die de houten planken vervangen er even mee stoppen.
We eindigen enigszins gebroken en flauw door de vele liters
water die we gedronken hebben in Chiriqui Grande. Een kustplaatsje
van een paar honderd inwoners dat tot voor kort, toen de weg
die wij gefietst hebben nog niet was geasfalteerd, diende
als aanlegplaats voor een Ferry naar Changuinola. De plaats
waar we vandaan komen. Nu is Chiriqui Grande een wat doods
stadje waar gelukkig nog wel een hotel en een eethuisje open
is.
Voor de tocht over de bergketen naar David besluiten we een
pickup taxi te nemen. Het patroon van de hoogtekleuren en
de berichten die we er over horen van localo´s maken
duidelijk dat het wel heel mooi maar niet leuk is om te fietsen.
Als we aan de andere kant van de bergketen aankomen zijn we
blij dat we deze keuze hebben gemaakt. Kilometers lange stukken
waar de auto moet terugschakelen naar zijn 2, en rond de top
nat en koud met een stormachtige wind. Maar mooi dat het is,
niet te beschrijven. Alles zo wild begroeid, overal water
in de vorm van druipende wanden, watervallen en beekjes. Her
en der grondverschuivingen. We worden er stil van.
 |
|
Eenmaal de bergketen over zijn we weer in een totaal andere
wereld. (Relatief) vlak, heel warm en heel droog. Regent het
aan de Caribische kant in de droge maanden nog zo´n
200 mm per maand, aan deze kant regent het rond de jaarwisseling
een aantal maanden helemaal niet. We fietsen nog een kleine
veertig kilometer door veeteelt en landbouw gebied en dan
zijn we in David. Vanuit dit gebied wordt heel Panama voorzien
van groente, vlees en melk.
Naar
"Fietsvakantie Costa Rica en Panama 2005" deel 5
|