Tunesië, informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Afrika

Tunesië: wandelen in de woestijn

(tekst en foto's: Johan Siegers)

deel 2/3

 

Wandeltocht, overnachting in putwoning

Vandaag wordt de tweede wandeldag. Voor diegene die nog spierpijn hebben van gisteren bestaat er de mogelijkheid om halverwege het parcours met de landcruiser te worden afgezet, zodat alleen een eenvoudige afdaling over een redelijk begaanbaar pad hoeft te worden gemaakt. Er is overigens niemand die hier gebruik van maakt.
Omdat we een iets andere route kiezen dan vorig jaar, zijn we al binnen een uur op het 'halverwege punt', iets wat we eigenlijk pas na 1.5 uur hadden moeten bereiken. We worden daarom voor de keuze gesteld, of we vervolgen de originele route, of we maken nog een extra omweg. De gids waarschuwt ons wel dat de omweg een redelijk zware route is. De groep splitst zich in twee gedeelten. De grootste groep neemt de omweg, ik ga mee met de groep die de korte weg neemt.


Omdat we via de korte route niet verkeerd kunnen lopen, gaat ons kleine groepje zonder gids of begeleider op pad. Dit heeft in ieder geval als voordeel dat we alles op ons gemak kunnen bekijken.
We krijgen de opdracht door te lopen totdat we een witte minaret tenmidden van een kleine oase zien. Dan zijn we in de buurt van Ksar Halouf.

Ksar Halouf ligt bovenop de berg. We hebben nog een klim voor de boeg, doch deze is heel goed te doen, aangezien er een weg naar boven loopt. Bovenaan gekomen krijgen we brick a l'oef te eten, een geklutst ei met kruiden in een deegjasje, en dan gebakken in olie.

Sommige Tunesiers houden zelf honden, en deze zijn meestal blij met aandacht. Pas wel op voor loslopende honden van b.v. geitenhouders. Deze worden meestal gehouden om te voorkomen dat de geiten worden opgegeten door wolven (die nog voorkomen in Tunesie). Dit zijn dus wel de honden waar u uit de buurt moet blijven.

We overnachten in Matmata in een ondergrondse grotwoning. Deze woningen zijn uitgegraven in de rotswanden. Vaak zijn er een aantal kamers die uitkomen op een soort binnenplaatsje. Dit binnenplaatsje is dan van boven open, alsof het een grote put is.

Matmata, de woestijn in

's morgens hebben we nog even tijd om wat rond te lopen in Matmata, en te bekijken hoe de bewoners daar in putwoningen leven. Persoonlijk vond ik dit een beetje genant, omdat je toch ongewild binnendringt in hun prive leven.
's middags rijden we richting Douz, ook wel de poort naar de sahara genoemd. Hier liggen de kamelen al op ons te wachten, voor een 2-daags verblijf in de sahara.


Eigenlijk zijn het drommedarissen, want ze hebben maar één bult. De lokale bevolking hoemt ze echter Chameau, daarom blijf ik ze ook maar kamelen noemen.
Het berijden van een kameel valt best mee. Je zit op dekens, en hebt een soort zadel voor je, waar je je aan vast kunt houden. Dat laatste is tijdens het opstaan en weer gaan knielen van de kamelen ook wel nodig.

Ik had verwacht dat de beesten behoorlijk zouden stinken, doch in de praktijk ruik je ze niet. Misschien omdat je buiten bent. De temperatuur in de sahara valt in maart nog wel mee. We zijn inmiddels al een beetje gewend aan de temperaturen en de zon, daarom kunnen zo langzamerhand er van gaan genieten. Voorzichtigheid blijft echter geboden. Vandaar dat we zeker het hoofd moeten bedekken als bescherming tegen de zon. Als je nog later gaat (in April of in Mei) dan kan het wel al behoorlijk warm worden.

Er lopen begeleiders mee met de kamelen. Dit betekent tevens dat we in een stevig wandel tempo lopen. Zelf heb ik ook even een half uurtje gelopen, doch het met een soort marstempo door het mulle zand lopen is vermoeiend, en je verbruikt ook aardig wat water. Wat dat betreft heb ik respect voor de begeleiders van de kamelen die dit tempo 2 a 3 uur volhouden.

Duidelijk is te zien dat de sahara hier niet alleen dor zand is. Er groeien wel wat bosjes, maar dit zijn hoofdzakelijk dorre takken, met een klein beetje groen er aan. Het beste te vergelijken met onze heide.

Er is al een groep begeleiders vooruitgegaan met een ezelkar, met de tenten, dekens, voedsel en water. Als wij aankomen staan er een tweetal bedoeien tenten klaar. Hier kunnen wij onder overnachten, doch ze bieden weinig bescherming aangezien de laatste decimeter van onderen open is. Het waait er dus gewoon door heen. Ik besluit dan ook om mijn slaapzak een eindje verderop in het open veld uit te rollen.

De kamelen worden ontdaan van hun bagage en mogen vrij rondlopen om wat van de taaie, droge bosjes te grazen die overal groeien. Dat betekent wel dat de kamelendrijvers 's ochtends de kamelen weer moeten opzoeken. Kamelen hebben een rangorde. De leider van de groep wordt aan een lang touw vastgebonden, want als die er vandoor gaat dan volgen de anderen hem.

De begeleiders maken eten in de woestijn (couscous) en 's avonds wordt er gezongen bij het kampvuur. Erg gezellig allemaal. De temperatuur daalt 's nachts wel. Tegen de tijd dat ik ga slapen is het nog maar vier graden. De overweldigende sterrenhemel maakt het allemaal goed. Door het ontbreken van het licht van de steden, zie je veel meer sterren.

 

naar "Tunesië: wandelen in de woestijn" deel 3

 

 

     

 

 

 

 

 

 

Google