Mozambique, informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Afrika

Mozambique: Maputo tot Bazaruto Archipel

(Tekst en foto's: Mariska Riesewijk en Harold Kolkman)

deel 2/3

Vilankulo

Adriano wijst ons de weg naar de bushalte. Op de gewone bus moeten we wachten en eigenlijk vinden we reizen in een chapa leuker, dus kiezen we hiervoor. Een chappa is een minibusje met een bepaalde bestemming en je kunt overal waar je wilt uitstappen. Het vertrekt pas als het vol is. Dat duurt dus even, maar het is leuk om op deze manier mensen te leren kennen en te zien wat er allemaal op straat verkocht wordt.

In Oost-Afrika heten de chapa's matatu's. Als toerist word je gewaarschuwd om ze niet te gebruiken, vanwege het gevaarlijke rijgedrag van de vaak oververmoeide chauffeurs. In Mozambique is dit anders. De chauffeur rijdt niet harder dan 100 km/u, houdt afstand en geeft zelfs richting aan. De volumeknop van de radio staat wel overal hetzelfde: op zijn aller hardst.

Het blijft leuk, zittend in een chapa kijken naar de landschapsveranderingen. Na een tijdje zien we ook weer baobab-bomen, dat betekent dat we noordwaarts rijden. Baobab's komen alleen voor boven de breedtegraad die grofweg langs de zuidgrens van het Krugerpark loopt. Bij aankomst in Vilankulo vraagt iedereen waar je heen wilt, iedereen wil je de weg wijzen. Allereerst maar wat eten. Een paar lokale jongens hebben ons een Afrikaans eetplekje gewezen waar we lekker xima (zelfde als ugali/maispap) met stoofschotel eten.

Een gezellige club jongens waarvan twee ons later naar Baobab Beach brengen. Een strand met leuke hutjes en de mix van lokale bewoners met backpackers geeft een relaxte atmosfeer. De jongens nodigen ons uit om die avond naar de disco te gaan, het is tenslotte vrijdag. En wij nodigen ze uit om een hapje mee te eten voor we gaan dansen.In de tussentijd relaxen we en regelen een dhowsafari voor de volgende twee dagen naar een van de eilanden. Baobab Beach laat op zijn terrein alleen medewerkers van veilige dhowsafari-companies toe. Je hoeft dus alleen te kiezen. Wij kiezen voor een dhow-safari op een traditionele boot, naar het eiland Benguerra, inclusief snorkelen en eten en drinken dat door de crew wordt verzorgd.

Maar eerst eten en natuurlijk de disco. Jeff en Julius zijn er al vroeg en samen met een aantal Spaanse reizigers eten we lekker. Rond negen uur trekken we naar het dorp. De meeste bars zijn open, maar voor de disco is het te vroeg. Die begint pas na elf uur.

Dus eerst op kroegentocht. Leuke sfeer en opvallend veel Afrikaanse vrouwen. Jeffrey, de eigenaar van Baobab Beach, legt me later uit dat dat komt omdat de vrouwen meer geëmancipeerd zijn doordat ze voor de wederopbouw van het land hebben gezorgd.Uiteindelijk gaan we naar de disco. We zijn de eersten die binnenkomen. De disco is in een grote bioscoop. Er wordt een soort space-film gedraaid op het doek en voor het doek is de dansvloer. Dan loopt de zaal omhoog met plastic klapstoeltjes en helemaal bovenin is een eenvoudige bar. Terug hoeven we gelukkig niet te lopen. Jeffrey is met de auto, dus kunnen we mee terug rijden naar Baobab Beach.

Benguerra Island

Na een te korte nacht staan de mensen van de dhow-safari ons al op te wachten. Je moet goed opletten of alles er is wat je hebt besteld. Zo willen ze ons in de plastic boot laten gaan (scheelt benzine) en hebben ze geen drinkwater. Maar als je dat zegt, doen ze wat er is afgesproken. Ze proberen het alleen maar.

Samen met twee Zwitserse meiden gaan we in de boot op weg naar Benguerra Island. Dit is een onderdeel van de Bazaruto Archipelago, die uit vijf eilanden bestaat. Deze eilanden met de oceaan eromheen vormen een nationaal park. Hier kun je met een beetje geluk dolfijnen en schildpadden treffen bij het snorkelen of duiken langs de riffen.

De zee is ruw en laten we nu net allebei geen watermensen zijn. Zo'n boot klotst dan toch behoorlijk. De vaart duurt een uur of vier wegens tegenwind. Het is koud op de boot en we zijn zeiknat. Op Benguerra Island zijn twee plekken waar je kunt overnachten. Een duur hotel en Gabriels Point, waar je kleine hutjes kunt huren. Gelukkig zetten we eerst de twee Zwitserse vrouwen af bij Gabriels Point voordat we gaan snorkelen. We zijn blij dat we na vier uur weer even vaste grond onder de voeten hebben.

Het blijkt dat we vandaag niet kunnen snorkelen omdat de zee achter de eilanden te ruw is. Gelukkig, want eigenlijk hebben we geen zin in nog twee uur op die boot naar Two Miles Reef (en weer terug). We krijgen een hut met twee bedden en achter een deurtje een douche en toilet. Als ik na de lunch naar het toilet wil, blijkt het al bezet te zijn door een slang. Ik sluit de deur en breng de manager op de hoogte. Een medewerker gaat met me mee. Hij is ervan overtuigd dat de slang al weg is, maar durft toch de badkamer niet in.

Mijn reisgenoot voelt zich niet lekker, later blijkt dat hij een zonnesteek heeft opgelopen. Hij gaat slapen. Ik maak een strandwandeling en heb een leuke tijd met een stel kleine jochies die graag naar mijn discman willen luisteren en daarbij de meest gekke danspasjes maken. Het valt me op dat de meeste bewoners met een boog om toeristen heenlopen. De barman legt me uit dat de meeste mensen bang zijn. Ze hebben hun eigen taal en snappen niets van de toeristen.

Ik ga bij Harold kijken of hij zich al beter voelt. Het blijkt dat hij bijna een aanvaring heeft gehad met de slang, die toch niet weg was. Hij werd wakker van gesis, opende zijn ogen en daar hing de slang boven zijn hoofd. Hij is er onderuit gekropen en heeft iemand gehaald. Toen bleek dat er echt een slang was, ontstond een slagveld. Zes mannen met grote panga's sloegen net zolang op de slang tot ze zeker wisten dat ie dood was. Zonde vinden wij, maar wij hebben dan ook niemand in de familie die dood is gebeten door een slang.

's Avonds bij het kampvuur eet ik alleen met de crew. Harold blijft op bed. Daarna naar de bar. Met de barman heb ik een deal om bij zonsondergang Bob Marley te draaien. De zonsondergang gaat zo snel dat hij voorbij is voor je het weet en je je afvraagt of al dat moois wel echt was. De foto's later bij thuiskomst doen je het pas echt beseffen. De crew komt later bij me zitten en we praten en lachen heel wat uren. Te veel uren, want pas diep in de nacht ben ik terug in de hut. Harold is gelukkig wakker en voelt zich stukken beter, maar snorkelen 's ochtends vroeg, dat ziet hij niet zitten. Blij met dat excuus, want ik hou niet van water.

 

verder naar "Maputo tot Bazaruto Archipel" deel 3

 

 

     

 

 

 

 

 

 

Google