Egypte: informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, tips, advies, info, foto's

EGYPTE: karkadee-thee bij de pharao

(tekst en foto's: Bert Taken)

deel 3/9

 

SOEFI
Ongeveer negentig procent van de Egyptische bevolking is moslim. De soefi's beginnen in de dertiende eeuw rond te trekken en een terugkeer naar een sobere vorm van geloofsbelijdenis te prediken. De soefi's zijn verenigd in broederschappen, die elk een bepaalde heilige vereren. Het hoogtepunt van het jaar vormt de viering van de verjaardag van de heilige en een bezoek aan zijn graf. De kermis-achtige activiteiten kunnen dagen en soms weken in beslag nemen. Tijdens bijeenkomsten voeren de leden van de soefi-broederschap vaak voortdurend heen en weer gaande of ronddraaiende bewegingen uit, waardoor ze op een gegeven moment in 'trance' raken. Er worden bezweringen en formules herhaald, waardoor ze dichter bij God komen. Door andere moslems worden de soefi's vaak als bijgelovig en behoudend gezien.

De chauffeur rijdt terug naar het centrum van Cairo. Aan de rand van de stad passeren we één van de zogenaamde 'dodensteden'. Hier wonen tienduizenden mensen in oude graven van kopten en moslims. Aanvankelijk zag de overheid deze ontwikkeling niet zitten. Het was echter zeer moeilijk om de zaken weer terug te draaien en bovendien waren er nauwelijks alternatieven. Inmiddels zijn de "woningen" echter voorzien van elektriciteit en bescheiden sanitaire voorzieningen.

's Morgens drommen grote groepen arme Egyptenaren samen voor de bakkerijen waar goedkoop, zwaar gesubsidieerd, brood verkrijgbaar is. Met regelmatige tussenpozen haalt de bakker de platte broden uit de hete, stenen oven en verkoopt ze aan de voorste rijen klanten. De broodsubsidie is een enorme financiële last voor de regering, maar afschaffing zal een ware volksopstand tot gevolg hebben.

 

Taxi: car no good

Er is altijd veel politie en leger op straat. Op elke straathoek en bij elk overheidsgebouw staat een man in uniform met een (machine)geweer. De straten zijn overvol met toeterende auto's. De auto's wurmen zich door de vele straten die niet berekend zijn op het vele verkeer. Zelfs de bouw van enkele viaducten heeft slechts een minimale bijdrage geleverd aan de oplossing van de verkeerschaos. Ik loop naar een stilstaande taxi en spreek een prijs af voor een rit naar Khan el-Khalili, de bazaar aan de oostzijde van het centrum. De ongeveer twintig jaar oude zwart-witte Simca ziet er niet bepaald degelijk meer uit, maar biedt de chauffeur nog voldoende mogelijkheden om er zijn brood mee te verdienen. Omdat het contactslot stuk is, rommelt de jonge chauffeur aan enkele loshangende draden onder het dashboard en na enkele mislukte pogingen komt de auto hortend en stotend in beweging. Omdat de tweede versnelling ontbreekt moet de auto steeds flink vaart maken in de eerste versnelling, om door te kunnen schakelen naar de derde versnelling. De chauffeur vloekt en baant zich toeterend een weg langs de stoet auto's, die af en toe wordt onderbroken door een ezelskar met een metershoge bagage.

Tussen de auto's zigzaggen jongens in lange, lichtblauwe kaftans op hun fiets. Boven hun hoofd houden ze soms een grote mand met etenswaren en de bagagedrager is af en toe afgeladen met tientallen volle schoendozen. Gezien de verkeerschaos is het aantal ongelukken verrassend laag. Op het Tahrir-plein staat echter een taxichauffeur jammerend naast zijn auto, waarmee hij achterop een andere auto is gereden. Dat houdt voor de man, in het ergste geval, in dat hij beroofd is van zijn bron van inkomsten.

In het zicht van de El Azhar moskee slaat plotseling de motor af. De jongen rommelt nog een poosje aan de draden onder het dashboard en stapt daarna uit. Hij maakt het touw los waarmee de motorkap is dichtgebonden en prutst een poosje onder de motorkap. Het lukt hem echter niet de auto weer aan het rijden te krijgen. Met een teleurgesteld en beschaamd gezicht zegt hij door het geopende portierraam, "I'm sorry. Car no good!". Er ziet niets anders op dan uit te stappen en ik help hem nog even de auto naar de zijkant van de straat te duwen.

 

Khan el- Khalili bazaar

Een bandopname met een vervormde, metalige stem van de muezzin roept de gelovigen op tot gebed. Ik neem me voor om een gehele dag door te brengen in de Khan el- Khalili. Het is geen gebied om echt ongestoord rond te lopen. Ik word voortdurend aangesproken en meegetrokken door handelaren: "Welcome!", "Welcome to my shop", "Nice souvenirs, very cheap", "Special price for you", "Hello my friend, come look my shop!". Alleen wanneer ik met een stuurse blik vóór me blijf kijken en in een redelijk tempo door blijf lopen word ik met rust gelaten. Alle westerse mensen die door de wijk slenteren en belangstellend om zich heen kijken zich worden echter gezien als potentiële kopers en worden dienovereenkomstig benaderd. Ik onderga het duw- en trekwerk echter lachend en beschouw het als een noodzakelijk kwaad.

Met een lachend gezicht is het aanzienlijk gemakkelijker om dingen te weigeren of af te keuren. De kooplui accepteren dit vervolgens met een teleurgestelde lach, halen hun schouders op of zeggen "Ma'alesh" ("niet druk maken, het maakt niet uit"). Het is precies zo'n oosterse bazaar zoals ik mij die had voorgesteld; een netwerk van straatjes vol winkeltjes en kraampjes, met ezels, karretjes, fietsen, voetgangers en zelfs auto's. Alles staat op straat uitgestald: kleden, kleding, potten en pannen, muziekinstrumenten, schoenen, sieraden, parfums, gebak, snoep, groente, fruit en vele manden met donkerrode karkade-bladeren.

De geuren van specerijen en parfums mengen zich met baklucht en de geuren van koperpoets, leer, pinda's en afval tot een exotische mengelmoes. Veel produkten zijn aangepast aan de (veronderstelde) smaak van de gemiddelde toerist; goedkope souvenirs, imitatie-antiek, koperen kandelaars en kitscherig gedecoreerde prullaria. Op de straat barst het van de activiteiten: mandenvlechten, kopersmeden, kleding maken en niet te vergeten waterpijp roken. Veel winkels zijn niet groter dan een telefooncel; de eigenaren hebben het kopergraveerwerk of de katoenen stoffen hoog tegen de wanden opgestapeld en zijn gedwongen de werkzaamheden op straat te verrichten. Aan het eind van elke straat en steeg is wel een ranke minaret van een moskee zichtbaar. Een man met een kudde schapen baant zich een weg door het verkeer aan de rand van de bazaar. Via een voetgangersbrug leidt hij zijn schapen naar de overzijde van de straat. Ook dit is weer illustratief voor de verweving van het heden en het verleden in Cairo.

Op vakantie naar Egypte

verder naar "karkadee-thee bij de pharao" deel 4

 

 


 

Google
Vamonos Travels