Ecuador, informatie over reizen en vakantie, reisverhaal, reisverslag, info, foto's, Zuid Amerika

Elf maanden Zuid-Amerika: Ecuador

(tekst en foto's: Barry & Renée Doodeman)

deel 3/3

Up in the north: Las Juntas

Na een hartelijke begroeting in Guallupe door Johnny (de hond) en Edison konden we ons dan eindelijk echt volontarios noemen. Ons leven als vrijwilliger zou echter een stuk relaxter beginnen dan we ons hadden voorgesteld. Samen met Brent (Japans-Amerikaanse medevrijwilliger), Edison, Marcello en Johnny zijn we op dag 2 meteen naar Las Juntas vertrokken. Een minidorpje op 1.5 uur rijden van Guallupe. Mini = een betonnen speelveld omgeven door een aantal huisjes in de middle of .... nowhere dus. De stichting Golondrinas ( zwaluwen) heeft hier twee houten hutjes en een houten keuken met daarachter een kleine bananenplantage. Omdat e.e.a. in geen jaar was bewoond hebben we meteen de bezems tevoorschijn getoverd om de muren, het plafond, de bedden én de vloer zo goed mogelijk schoon te vegen. Schuimrubber matrassen voorzichtig (anders brokkelen ze uiteen) op de jeep te luchten gehangen en vervolgens het tuintje bevrijd van al het onkruid. Daar waren de kippen, het varkentje en de eenden van het dorpje erg blij mee, konden ze lekker wroeten in de aarde.

Na gedane arbeid is het goed rusten, en wat doe je dan in zo´n klein gehuchtje? Gewoon wat ze daar allemaal doen: beetje naar het volleybal, de spelende kinderen, de honden en elkaar staren. En natuurlijk kletsen met Brent (Edison en Marcello waren elders wipwappen) ...in de 10 dagen daarna bleken we goede gesprekspartners en hebben we nooit om een onderwerp verlegen gezeten. Dag twee in Las Juntas begon met een bijzonder ontbijtje van gefrituurde broodjes (inderdaad net een soort oliebollen) muesli, jam en thee. De hoofdingredienten voor alle volgende ontbijtjes die soms werden aangevuld met verse vruchtensalade of kaas. En toen begon het echte werk, met machetes mochten we Edison helpen in de bananenplantage, alles dat geen bananenboom was moest plat (en er was genoeg gegroeid in een jaar). Lekker in het rond hakken als een echte tarzan. Planten met sappige stengels gingen heerlijk snel tegen de vlakte maar kleine boompjes waren wat hardnekkiger. In ons enthousiasme ook wel wat verkeerde boompjes om zeep geholpen maar het resultaat mocht er wezen. Na een ochtend werk weer wat gezeten en gekeken en gebadderd in de rivier (koud!).

Santa Rosa

Dag 3 werden onze mochillas (rugzakken) op een paardje gebonden en zijn we in 1.5 uur op onze rubberen laarzen naar Santa Rosa geglibberd.

Santa Rosa is een houten huis (ong. 20 slaapplaatsen) omgeven door groene bergen. Hier slapen ook de toeristen die met Golondrinas meegaan op een 4-daagse trektocht. Iedere middag komen de wolken tussen de bergen opzetten maar blijven meestal op een afstandje hangen zodat we iedere avond de sterrenhemel hebben kunnen bewonderen, erg goed vooral als de generator uitging en alles totaal donker werd. Ook vaste prik was het vuurvliegjes ´concert´dat iedere avond voor een tweede sterrenhemel zorgde (tussen de bomen).

Ons huisje in Santa Rosa

In Santa Rosa hebben wij een week mogen vertoeven. Af en toe in gezelschap van wat toeristen brachten wij onze dagen door met kletsen, kaartspelletjes spelen (veel nieuwe geleerd), wandelen in de bossen (Brent en Barry gingen er zelfs met manchetes op uit om zich een weg door de jungle te hakken) , abseilen naar een waterval om daar te douchen (2x maar hoor, ze hadden gelukkig ook een echte douche, wel koud!) bewonderen van mega-insecten in alle kleuren van de regenboog, afwassen, bezemen en af en toe wat onkruid uit de grond trekken. Er was dus niet zoveel werk te doen maar daar zat eigenlijk niemand mee, zodra we ergens mee konden helpen stonden wij natuurlijk wel paraat.

Met een Amerikaans stel zijn we de laatste dagen meegetrokken naar El Corazon (het hart) op 3 uur lopen vanaf Santa Rosa, dan zit je dus inderdaad middenin de jungle. De cabin El Corazon ligt bovenop een berg en geeft een mooi uitzicht over de omgeving. Dineren bij kaarslicht gevolgd door heerlijke warme chocolade, wat is het leven van een vrijwilliger toch zwaar! De ochtendwandeling vanaf El Corazon was best wel pittig het ´pad´ was maanden niet gebruikt dus gids Luis moest flink tekeer gaan met zijn machete en we zijn allemaal wel een keer onderuit gegaan op de glibberige composthopen en bananenbladeren.

Het aangename klimaat van de cloudforest (althans buiten het regenseizoen) maakt het wel een zeer plezierige kennismaking met de echte jungle. De cloudforest heeft zelfs meer variatie in flora en fauna dan het regenwoud, dit omdat de cloudforest op hellingen groeit en de zon daardoor ook tot de grond kan doordringen, in de dagelijkse mist kunnen vaak ook de meest delicate bloemen groeien. In de toppen van de bomen onstaan vaak weer hele nieuwe bossen van Bromelia´s, orchideën, lianen en andere tropische planten en bomen. ´s Avonds zelfs nog een keer een soort beestjes (hier aapjes genoemd) gespot in de fruitbomen bij Santa Rosa. Leken een soort familie van de Australische boompossems.

Guallupe

Na anderhalve week relaxen terug naar de homebase in Guallupe. Daar maakten we kennis met nog twee andere vrijwilligers (Tamsin en Scott) en konden we ons nuttig maken op de demonstration farm Peña Negra. Op een steile helling verbouwt de stichting allerlei gewassen en fruitbomen, om aan de lokale bevolking te laten zien hoe e.e.a. verbouwd kan worden met zo min mogelijk uitputting van de aarde en hoe erosie kan worden voorkomen.

Onze activiteiten op Peña Negra: mais plukken, miniboompjes van onkruid bevrijden, water geven, bouwen van een enorme composthoop, hooi verspreiden over het land, gras snijden (dat gras sneed ook terug, onze armen zaten helemaal vol dikke rode krassen), grof schoffelwerk (voor de mannen) en zand, mest sjouwen. En dat alles in de felle hete zon, gelukkig werd er hier ook weer genoeg pauze ingelast, en werkten we alleen een paar uur in de ochtend en een paar uur in de middag.

de composthoop op Peña Negra in Guallupe

In onze tweede week hebben we alleen op donderdag gewerkt (t/m woe zaten we in Santa Rosa) en kregen we op vrijdag vrij om naar een nationaal park (Paramo) te gaan. In de laatste week hadden we gezelschap van een grote groep Engelse en Amerikaanse tieners (van 16,17 jaar) en velen handen maken inderdaad licht werk, dus al met al hebben we best wel wat werk verzet met niet eens zoveel inspanning.

Paramo

Omdat in ons tweede weekend het jaarlijkse feest van Guallupe plaats zou vinden kregen we op vrijdag vrij om naar het nationale park Paramo te gaan.

De Paramo is een hoogvlakte op 4.000 meter waar zeer bijzondere planten groeien (naam is me totaal ontschoten) die slechts op een paar plaatsen groeien en nergens zo groot zijn als in Ecuador (tot 7 meter). Na een half uur in een taxi bonken mochten we mee met een parkranger die ons over modderige paadjes door de mist het park liet zien. Voor zover we tenminste uitzicht hadden want ja, ook hier waren er weer vollop wolken en regen. Daardoor konden we het nog meer waarderen als de harde wind de wolken wegblies en er meren omgeven door bergen tevoorschijn kwamen. Een zeer bijzondere plek zo vlakbij de grens met Colombia (zagen we dus niets van :-)


het unieke landschap van de Páramo, een hoogvlakte bij de grens met Colombia

De Fiesta

Heel Guallupe (80 inwoners), de omliggende dorpjes en zelfs feestgangers uit Quito waren er klaar voor, het jaarlijkse feest kon beginnen. Rondom het betonnen volley-en basketbal veld hadden zich kraampjes gevormd waar empenadas (gevuld met kaas & uien en bestooid met suiker), frietjes, soep, bier, rum en lollies een welkome aanvulling vormden op wat er normaal in Guallupe te koop is (niets dus). De stoere mannen liepen al rond in hun sporttenue, want het feest werd eerst ingeleid door een voetbal wedstrijd tegen een team uit Quito (bijzonder want dat ligt op 5 uur rijden). Met z´n allen naar het voetbalveld ver boven het dorpje dat uit de berghelling is gehakt dus bij te enthousiast spel verdween de bal vaak in de diepte. De wedstrijd werd begeleid door een amateuristisch doch zeer gedreven bandje.

Toen vonden we de muziek nog grappig en gezellig maar dat veranderde wel toen ´s avonds en de volgende dag bleek dat dit de enige band zou zijn die het hele weekend zou spelen. Stel je een zeer slechte fanfare band voor met teveel schelle trompetten die slechts 3 liedjes (en vele variaties daarop) kent en je hebt een beetje een idee van de muziek die we het hele weekend te horen hebben gekregen. En dat terwijl de bomba muziek uit deze regio zeer goed is. Ook de lokale bevolking was zeker niet te spreken over de kwaliteit van de band maar wat kan je anders dan toch een beetje mee gaan dansen. Omdat iedereen op zijn eigen ritme danste (waarschijnlijk omdat de band er meerdere tegelijkertijd had) en het ook lang niet zo ingewikkeld was als Salsa hebben we gewoon gezellig meegedanst zonder voor gek te staan. De inwoners van Guallupe zijn ook wel gewend aan die volantarios van Golondrinas dus echt in the picture stonden we niet alleen zijn de dames natuurlijk wel er geliefd om te dansen te vragen (no gracias!).

Op zondag werden we gewekt door nog meer illigale vuurpijlen (Barry stond netjes zijn broek te wassen en werd bijna geraakt) en werden de festiviteiten voortgezet met een motorcross race dwars tussen de kleine huisjes door, en met veel drinken. Gelukkig was de Reina van Guallupe al op zaterdag gekozen anders was daar niets meer van terecht gekomen. ´s Avonds weer een beetje meegedanst maar niet te lang want op maandag moesten we weer gewoon aan de slag op Peña Negra. Deze keer dus in gezelschap van 19 nieuwe vrijwilligers, zeer jong, speels maar ook niet te beroerd om hard mee te werken dus dat ging prima.

Op donderdagochtend hebben we met z´n allen nog een wandelingetje gemaakt in de heuvels naast Guallupe (zittend naar beneden glijden want zo glad was het gras) en ´s avonds werd een heus afscheidsfeestje gegeven met frietjes en kip (wauw, na 3 weken rijst en bonen (ook wel lekker hoor) was dat echt een feest). Met flink wat kaarsen de binnenplaats erg gezellig gemaakt en dansen maar! Maar nu dan wel op de goede Bomba muziek uit de regio (Neger power!). Toch wel heel leuk zo´n feestje in je eigen ´huis´, leek weer een beetje op de studententijd.

De volgende ochtend zijn we weer vertrokken naar Quito (omdat we daar rubberen laarzen hadden geleend moesten we weer op tijd terug zijn) Dat de busstaking van die week net die vrijdag beeindigd werd is weer een van die gelukjes die wij toch wel hebben. En daarmee kwam dus een einde aan 3 bijzondere weken als vrijwilligers waarin we zeker ook geluk hebben gehad met het gezelschap (als we een week eerder waren gegaan hadden we helemaal alleen gezeten), de werkzaamheden, de locaties en de fiesta! In Quito lekker al onze kleren goed laten wassen, laarzen terug gebracht, wat spulletjes naar huis gestuurd (duur!), nog 1 keer langs geweest bij de Cobos familie, en een mooi vrijwilligers t-shirt opgehaald (kunnen we reclame gaan maken). En nu zijn we dan echt klaar voor het grote reizen. Puerto Lopez here we come!

Ballenas in de Blue

Omdat de buschauffeur er wel erg veel zin in had, mochten wij op de 11 uur durende reis naar Puerto Lopez dan eindelijk eens mee maken hoe het voelt om misselijk te worden in de bus. Snel een reispil en vooral op de weg letten. Toen we eenmaal tussen de bananenplantages reden konden we weer gewoon rustig van het landschap genieten (bananen dus). ´s avonds in het donker werden we de bus uitgespuugd op de modderstraten van Puerto Lopez. Met een mannetje meegelopen naar een 2e rangs hosteltje en daarna snel wat ´fruta del mar´ naar binnen gewerkt: dat hadden we wel even nodig.

Volgende dag vroeg op en van hostel gewisseld (een goed matras is essentieel) en vervolgens op een bootje gestapt op zoek naar de humpback whales! Van juni t/m september zijn die hier in grote getalen te vinden om kindjes te krijgen. Eerst een uur flink door elkaar gehusseld op de butsende boot (lang leven de zeeziekpil!. Als iedereen die nou zou nemen hadden we niet tussen de lijkbleke en spugende medekijkers hoeven te vertoeven).

En eindelijk zagen we dan 3 grijze ruggen door het water golven, voorafgegaan door een mooie waterfontein. Je hoort ze eerder dan dat je ze ziet. Nadat we dit gezinnetje een tijdje hadden gevolgd (vanaf het dak van het bootje), werden we verrast door een springende walvis een stuk verderop. Hierheen!, leek hij te gebaren met z´n grote klappende vin. Dus wij er snel achteraan met de turboboost (wat een lawaai zeg, da´s wel wat anders dan zingende walvissen). Nadat we het dansje van twee jumpende walvissen van iets dichterbij hebben mogen aanschouwen (we wilden nog wel dichterbij maar dat lukte niet meer) hebben we nog wat ruggen en staarten op de foto proberen te zetten (moeilijk!). En toen was het tijd voor de butsende terugreis. De aangeboden lunch van ananas en broodje tonijn was niet aan iedereen besteed maar wij genoten er zeker van.

Hoewel we dus middenin het walvishoogseizoen de zee hebben getrotseerd, hebben we er niet zo heel veel gezien. Normaal schijnen ze overal te voorschijn te komen. Wat bleek, de hele groep had die dag besloten aan de andere kant van het eiland lekker rondjes te gaan zwemmen. Dus geen extreem close-ups voor ons, misschien hadden we ons portie al gehad op de Galapagos.

Cuenca

Omdat de blubber bijna tot onze knieën kwam en de mist niet wegtrok hebben wij de kust de kust gelaten en zijn we weer landinwaarts getrokken naar de coloniale bergstad Cuenca. Door haar vele spaanse huizen met patio´s, mooie balkonnetjes, schone straten met keien en vele kerken is Cuenca de mooiste stad van Ecuador (en volgens sommigen van Zuid-Amerika). ´Zullen we naar het nationale park of naar de inca-ruïnes gaan?´ vroegen wij ons nog even af. Toch maar besloten om lekker een beetje door het stadje te wandelen, een museum en wat cafeetjes te bezoeken, en verder lekker te relaxen (en websitje updaten). Heerlijk toch, twee dagen even niets doen en toch weer veel eigelijk.

De laatste avond ons eerste echte italiaanse ijsje verorberd en door het park geslenterd onder de muzikale begeleiding van e.o.a. latino zanger band. (het lijkt wel vakantie in Frankrijk) Een mooi afscheid van Ecuador!

 

Naar de website van Barry & Renée

 

 


 

Google
Vamonos Travels